Gezamenlijk gezag: ouder met niet-ouder of twee partners van hetzelfde geslacht

Terug naar overzicht

Gezamenlijk gezag: ouder met niet-ouder of twee partners van hetzelfde geslacht

Soms groeit een kind op in een relatie van twee vrouwen of twee mannen. In die situaties spreekt men meestal van gezamenlijk gezag. Het gaat dan om een ouder die samen met een niet-ouder het gezag over het kind heeft.

Huwelijk of geregistreerd partnerschap tussen twee vrouwen
Als een kind wordt geboren binnen het huwelijk of het geregistreerd partnerschap van twee vrouwen hebben zij gezamenlijk gezag. Voorwaarde is wel dat er geen andere ouder is. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer de moeder het kind krijgt via (anonieme) donorinseminatie. De vader is dan immers niet bekend.

Maar als de donorvader het kind heeft erkend voor de geboorte, krijgt alleen de biologische moeder het gezag. Door de erkenning is de biologische vader ook de juridische vader van het kind geworden.

De moeder en haar vrouwelijke partner kunnen in dat geval de rechter verzoeken om hen het gezamenlijk gezag over het kind toe te kennen.

Huwelijk of geregistreerd partnerschap tussen twee mannen
Twee mannen krijgen nooit automatisch gezamenlijk gezag over een kind. Als twee mannen gezamenlijk gezag over een kind willen, dan moeten zij dit via de rechtbank aanvragen.

Gezamenlijk gezag aanvragen: de procedure
Het aanvragen van gezamenlijk gezag begint met het opsturen van een speciaal aanvraagformulier naar de rechtbank binnen de regio waar het kind geboren is. Als het kind niet in Nederland geboren is, moet het verzoek worden ingediend bij de rechtbank in Amsterdam.

Het verzoek om gezamenlijk gezag zal min of meer automatisch worden toegekend als:

  • De vader het kind heeft erkend.
  • Het verzoek door beide ouders gezamenlijk worden gedaan (beide ouders moeten het formulier ondertekenen).
  • De ouders meerderjarig zijn.
  • De ouders geen van beiden onder curatele gesteld zijn.
  • Een van de ouders op het moment van het verzoek al het gezag over het kind heeft.
  • Geen van de ouders is ontheven of ontzet uit het gezag.

U heeft de volgende documenten nodig voor de aanvraag:

  • een kopie van de geboorteakte van uw kind (inclusief akte van erkenning).
  • uittreksels uit de gemeentelijke basisadministratie (GBA) van u beiden. Op dit uittreksels moet uw naam, adres en woonplaats vermeld staan. De uittreksels mogen niet ouder zijn dan drie maanden.
  • een kopie van een geldig identiteitsbewijs van uw beiden.

Als aan alle voorwaarden is voldaan, dan maakt de griffier een aantekening in het gezagsregister. In dit register wordt bijgehouden wie het gezag over het kind heeft. Het ouderlijk gezag gaat in vanaf het moment dat de aantekening in het gezagsregister is geplaatst.

Wat zijn de kosten voor het aanvragen van ouderlijk gezag?
Er zijn geen kosten verbonden aan het aanvragen van ouderlijk gezag bij de rechtbank. Er zijn wel kosten verbonden aan de documenten die u bij de gemeente moet halen.

Verzoek gezamenlijk gezag beoordeeld door de rechter
Er zijn situaties waarin de rechter zal moeten beoordelen of een verzoek tot gezamenlijk gezag kan worden toegekend. Deze procedure is dus zwaarder dan de procedure zoals die hierboven beschreven is.

Dit is het geval als één van de ouders samen met zijn of haar partner, die niet de ouder van het minderjarige kind is, gezamenlijk het gezag wil uitoefenen. In die situatie kunnen de ouder en de niet-ouder samen of één van hen, de rechter verzoeken om het gezamenlijk gezag toe te kennen.

Het verzoeken van gezamenlijk gezag moet inhoudelijk door de rechter beoordeeld worden in de situatie waarbij:

  • de moeder en haar vriend, of
  • de moeder en haar vriendin, of
  • de vader en zijn vriendin, of
  • de vader en zijn vriend

gezamenlijk het ouderlijk gezag willen hebben.

De rechter zal alleen kunnen beslissen dat het gezag voortaan gezamenlijk kan worden uitgeoefend als aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  • de ouder oefent alleen het gezag uit op het moment dat het verzoek wordt ingediend
  • de partner staat in nauwe persoonlijke betrekking tot het kind en/of de partners staan in nauwe persoonlijke betrekking tot elkaar. Het komt erop neer dat het kind kan opgroeien in een veilige en vertrouwde omgeving. In de wet is hierover verder niets vastgelegd, de rechter beoordeelt of aan deze voorwaarde is voldaan.
  • het belang van het kind mag niet in gevaar komen. Dit betekent in de eerste plaats dat de ontwikkeling van het kind niet mag worden geschaad. Maar het betekent ook dat de relatie tussen het kind en de andere ouder, als die er nog is, niet in gevaar komt. Kinderen van 12 jaar en ouder worden door de rechter altijd gehoord.

Op het moment dat de andere ouder nog in leven is zal de rechter ook nog toetsen of er aan de volgende twee andere voorwaarden is voldaan:

  • de ouder en de partner hebben voorafgaand aan hun verzoek ten minste één jaar samen voor het kind gezorgd;
  • de ouder heeft voorafgaand aan het verzoek ten minste drie jaar alleen het gezag uitgeoefend.

Wat zijn de gevolgen van (ouderlijk) gezag?
Aan het uitoefenen van gezag zijn rechten en verplichtingen verbonden. Iemand die het gezag heeft over een minderjarig kind heeft ook de verantwoordelijkheid voor de verzorging en de opvoeding van dat kind.

Dit houdt onder andere in dat iemand die gezag heeft over een minderjarige onderhoudsplichtig is en zonodig kinderalimentatie moet betalen. Deze onderhoudsverplichting duurt voort totdat het kind de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt.

Ook is iemand die het gezag heeft over een minderjarige de wettelijk vertegenwoordiger van het minderjarige kind. In veel gevallen mogen minderjarige kinderen niet zelf officiële handelingen verrichten. Iemand die het gezag uitoefent voor een kind doet dit dan namens of voor het kind.

Hierbij moet u bijvoorbeeld denken aan het zetten van een handtekening bij het openen van een spaarrekening. Daarnaast is de wettelijk vertegenwoordiger van een kind ook wettelijk aansprakelijk voor het doen en laten van een kind.

Tot slot valt onder de wettelijke vertegenwoordiging van een minderjarige ook het beheer van het vermogen van het kind.