praktijkvoorbeelden

Terug naar overzicht

Procederen kan een lang gevecht zijn

De heer Postma ondergaat een kijkoperatie in zijn kniegewricht waarbij een deel van de meniscus wordt verwijderd. Bij een controle kort na de operatie stelt de chirurg vast dat Postma lijdt aan trombose (stolsels in de bloedvaten) in zijn linker been en - korte tijd later - ook in het rechter been.

De heer Postma stelt zich op het standpunt dat hij als gevolg hiervan nog maar 25% arbeidgeschikt is en vindt dat het ziekenhuis daarvoor aansprakelijk is. Zijn advocaat ontdekt dat er in het ziekenhuis een behandelingsprotocol circuleert op grond waarvan de chirurg na kijkoperaties (onmiddellijk) antistollingsmiddelen had moeten voorschrijven. Het ziekenhuis erkent dat dit is nagelaten, maar stelt ook dat het protocol niet heilig is, dat de effectiviteit van het protocol twijfelachtig is en dat het de arts vrijstond ervan af te wijken. De verzekeraar van het ziekenhuis wijst aansprakelijkheid van de hand.

In de procedure die de advocaat voor de heer Postma aanspant, blijkt dat de arts het protocol gewoonweg is vergeten toe te passen en dat hij er dus zonder enig argument van is afgeweken. De rechter leidt daaruit af dat het ziekenhuis voor de schade van Postma aansprakelijk is.

Daarmee is de strijd niet gestreden, aangezien het ziekenhuis ook nog aanvoert dat de fout niet geleid heeft tot schade: de knieën van de heer Postma waren toch al zo slecht en de kans op trombose bij hem zo aanwezig, dat zijn (gedeeltelijke) arbeidsongeschiktheid hoe dan ook zou zijn ontstaan.

De rechter benoemt een deskundige die over deze kwestie rapporteert. Op grond van dit rapport oordeelt de rechter dat er wel degelijk verband bestaat tussen de aangenomen fout en de gestelde schade. De verzekeraar van het ziekenhuis moet de heer Postma een schadevergoeding betalen.

Naschrift:

Dit praktijkvoorbeeld is gebaseerd op een werkelijk geval. Het ziekenhuis heeft in dit dossier tot aan de Hoge Raad doorgeprocedeerd. De operatie vond plaats in 1992, de uitspraak van de Hoge Raad in 2001.

Dit voorbeeld laat zien dat het lang kan duren voordat een procedure ten einde is. In het algemeen gaat het sneller maar u moet zich er wel op instellen dat soms een lange adem wordt gevraagd. Procedures kunnen vertraging oplopen door onder meer achterstanden bij gerechtelijke instanties en de mogelijkheid dat de rechter behoefte heeft aan voorlichting door één of meer deskundigen.