praktijkvoorbeelden

Terug naar overzicht

Taakstraf na openlijke geweldpleging

Peter, Johan en Gijs zijn na een avond stappen nog gaan snacken. Buiten bij de snackbar worden ze aangesproken door twee onbekende personen. Peter en Johan lopen door, maar Gijs voelt zich aangesproken en blijft staan. Over en weer wordt er wat geschreeuwd.

Na een tijdje besluiten Peter en Johan toch maar eens een kijkje te nemen. Dan loopt de ruzie uit de hand en stompt Gijs een van de onbekende personen in het gezicht. Er ontstaat een gevecht. Peter en Johan staan erbij en kijken erna zonder zelf mee te vechten. Wel roept Peter Gijs nog een keer aanmoedigend toe ‘pak hem'. Dan wordt de politie gesignaleerd en rent iedereen weg, ook Peter.

Peter is nog niet de hoek van de straat om en hij wordt door de politie bij zijn kraag gegrepen. Peter doet zijn verhaal. Een paar weken later krijgt hij een uitnodiging van het arrondissementsparket om op een TOM-zitting te verschijnen. Hij wordt verdacht van openlijke geweldpleging. Hij krijgt een taakstraf aangeboden van 60 uren. Peter vertelt dat hij niet degene is geweest die geweld heeft gebruikt en dat hij alleen maar heeft staan kijken.

De advocaat van Peter vraag om een kort overleg met zijn cliënt. Hij legt Peter uit dat voor openlijke geweldpleging het niet nodig is dat Peter zelf geweld heeft gebruik. Getuigen hebben verklaard dat ze Peter hebben horen roepen ‘pak hem'. Dit is voldoende bewijs voor de rechter om te concluderen dat er sprake is van openlijke geweldpleging.

Peter wil van de zaak af zijn en besluit om akkoord te gaan met het voorstel. Peter krijgt een oproep van de reclassering om zijn taakstraf uit te voeren. Hij voldoet hieraan en hoeft niet meer voor de strafrechter te komen.