Slachtoffer in een strafzaak: aangifte doen en schade verhalen

Terug naar overzicht

Slachtoffer in een strafzaak: aangifte doen en schade verhalen

Als u slachtoffer bent geworden van een strafbaar feit, kunt u hiervan aangifte doen bij de politie. De politie heeft een wettelijke plicht om uw aangifte op te nemen. De aangifte is uw verklaring van hetgeen u is overkomen.

Deze verklaring moet u ondertekenen. Aan de hand hiervan zal de dienstdoende agent een officieel document opmaken, het zogenaamde proces-verbaal.

Aangifte doen van een strafbaar feit

Het is verstandig om altijd een kopie van uw aangifte te vragen. Misschien heeft u deze kopie wel nodig voor uw verzekering. Als het gaat om een zedenzaak (bijvoorbeeld seksueel geweld), moet u er rekening mee houden dat de politie u waarschijnlijk geen kopie van uw aangifte meegeeft.

De politie zal u vragen of u op de hoogte gehouden wilt worden van het verdere verloop van de strafzaak. Ook zal de politie vragen of u aanspraak wilt maken op schadevergoeding. Hier kan dan later tijdens het strafproces rekening mee gehouden worden.

Doen van een valse aangifte

Het doen van een valse aangifte is strafbaar. U riskeert hiermee een gevangenisstraf van ten hoogste 1 jaar of een geldboete van maximaal 7.400 euro.

De achtergrond hiervan is dat valse aangiften de politie en justitie onnodig veel werk bezorgen. Daarnaast kan een valse aangifte voor degene die onterecht wordt beschuldigd grote gevolgen hebben.

Slachtofferhulp Nederland en Joss-piket

Tijdens uw aangifte zal de politie u informeren over Slachtofferhulp Nederland (het voormalige Bureau Slachtofferhulp) en het Joss-piket (regio Utrecht). Het Joss-piket staat voor juridische opvang van slachtoffers van seksueel geweld.

Gaat u akkoord met de melding naar een Joss-advocaat dan zal hij contact met u opnemen naar aanleiding van de melding en u uitleg en informatie geven over uw rechten en mogelijkheden als slachtoffer. De Joss-advocaat is er meer voor de juridisch ondersteuning. Slachtofferhulp kan u ook juridische en emotionele ondersteuning bieden.

Bij Slachtofferhulp Nederland kunt u terecht voor opvang, hulp, informatie en advies over:

  • emotionele ondersteuning
  • het regelen van allerlei praktische zaken
  • (juridische) hulp bij het invullen van formulieren (voegingsformulieren, vergoedingsaanvraag schadefonds)
  • begeleiding bij een bezoek aan de politie, justitie, de rechtbank of arts
  • bemiddeling, bijvoorbeeld wanneer u contact wilt met de verdachte
  • verwijzing naar andere hulpverleners

Bij uw aangifte kunt u aangeven of u wenst dat Slachtofferhulp Nederland wordt ingeschakeld. Een medewerker zal dan contact met u opnemen. U kunt ook zelf contact opnemen met Slachtofferhulp Nederland.

Mogelijk wilt u geen aangifte bij de politie doen of voelt u pas later behoefte aan hulp. Een beroep op Slachtofferhulp Nederland is gratis.

Schade verhalen

Als u slachtoffer bent geworden van een misdrijf of een overtreding kan het zo zijn dat u schade lijdt. Er wordt onderscheid gemaakt tussen twee soorten schade. Namelijk materiële schade en immateriële schade.

Bij materiële schade gaat het meestal om de waarde van vernielde of gestolen goederen. Denkt u hierbij bijvoorbeeld aan: medische kosten, reis- en telefoonkosten en het verlies van inkomsten omdat u enige tijd niet heeft kunnen werken.

Als het gaat om het vergoeden van materiële schade zal een rechter vaak kijken naar de zogenaamde dagwaarde van uw vernielde of gestolen goederen. Bewaar zoveel mogelijk aankoopbewijzen, kwitanties en andere documenten waaruit de waarde van uw eigendommen herleid kan worden.

Naast de materiële schade kan u immateriële schade hebben geleden. Dit is de schade die in de volksmond ook wel smartengeld wordt genoemd. Smartengeld herstelt de schade die u heeft geleden niet, maar kan in sommige gevallen een beetje helpen om het geestelijke leed te verzachten.

Als u schade geleden heeft, zijn er verschillende mogelijkheden om deze schade weer (deels) vergoed te krijgen:

  • U kunt een beroep doen op uw eigen verzekeringsmaatschappij.
  • U kunt mogelijk een beroep doen op het Waarborgfonds Motorverkeer.
  • U kunt mogelijk een beroep doen op het Schadefonds Geweldsmisdrijven.
  • U kunt uw schade claimen in de strafprocedure (men noemt dit ‘voeging in het strafproces')
  • U kunt de rechter verzoeken een schademaatregel op te leggen.
  • U kunt uw schade claimen in een civiele procedure.

Slachtoffer van een misdrijf: uw schade verhalen op uw eigen verzekeringsmaatschappij

Soms kunt u een beroep doen op uw eigen verzekering. Uw schade wordt dan geheel of gedeeltelijk door uw eigen verzekeringsmaatschappij vergoed. Bij inbraak kunt u wellicht een beroep doen op uw inboedelverzekering en bij medische kosten op uw ziektekostenverzekering.

De aansprakelijkheidsverzekeraar van de dader biedt vaak geen verhaal omdat min of meer opzettelijk veroorzaakte schade niet door de verzekeringsmaatschappij gedekt wordt.

U doet er goed aan uw verzekeringsmaatschappij of assurantie-adviseur zo spoedig mogelijk in kennis te stellen van het feit dat er schade is ontstaan door een strafbaar feit.

Als u uw schade niet volledig vergoed krijgt, bijvoorbeeld door een eigen risico, kunt u het bedrag dat niet wordt vergoed op een van de hierna beschreven manieren proberen te verhalen.

Slachtoffer van een misdrijf: uw schade verhalen op het Waarborgfonds Motorverkeer

Het Waarborgfonds Motorverkeer is in het leven geroepen voor slachtoffers van schade veroorzaakt door een motorvoertuig en waarbij de verzekeraar van de schadeveroorzaker niet aangesproken kan worden.

De schade moet in Nederland zijn veroorzaakt door een motorvoertuig of een aanhanger die daaraan is gekoppeld. Als u wordt aangereden door een fiets, skateboard, winkelwagentje, paard of step etc. dan kunt u geen beroep doen op het waarborgfonds.

Om in aanmerking te komen voor een vergoeding moet u uw schade wel aannemelijk maken. Uw eigen verklaring is hiervoor niet voldoende. Een rapport of proces-verbaal van de politie is noodzakelijk. U mag verder zelf niet aansprakelijk zijn voor de schade.

In de onderstaande gevallen kunt u een beroep doen op het waarborgfonds:

  • U kunt de identiteit van de schadeveroorzaker niet achterhalen, omdat deze is doorgereden.
  • De schadeveroorzaker is bekend, maar het voertuig is onverzekerd.
  • De schadeveroorzaker is wegens geloofsovertuiging vrijgesteld van een schadeverzekering en u komt in onderling overleg er niet uit.
  • Het schadeveroorzakende motorvoertuig was gestolen en de bestuurder was hiervan op de hoogte.
  • Het motorvoertuig was verzekerd, maar de verzekeringsmaatschappij is failliet.

Het waarborgfonds is er voor iedereen die benadeeld is door een ongeval met een motorvoertuig. Voetgangers, bestuurders, fietsers, maar ook eigenaren van een omvergereden tuinmuur. Bij een onbekende dader geldt overigens wel een eigen risico van 250 euro.

Slachtoffer van een misdrijf: uw schade verhalen op het Schadefonds Geweldsmisdrijven

Het Schadefonds Geweldsmisdrijven is een overheidsinstantie en onderdeel van het ministerie van Justitie. Het fonds geeft financiële steun aan mensen die slachtoffer zijn geworden van een geweldsmisdrijf en ernstig letsel hebben opgelopen. Het kan dan bijvoorbeeld gaan om:

  • Diefstal met geweld
  • Straatroof
  • Verkrachting
  • Huiselijk geweld
  • Stalking

Het is hierbij niet van belang of de dader is aangehouden of veroordeeld. U moet wel aan kunnen tonen wat u precies overkomen is. Dit kunt u doen aan de hand van een aangifte, een veroordeling van de dader, door middel van getuigenverklaringen of door medische gegevens.

Daarnaast moet er sprake zijn van opzet van de dader. Er mag dus geen sprake zijn van een ongeluk.

Ook moet het letsel dat u heeft opgelopen ernstig zijn. Dit is bijvoorbeeld het geval als uw herstel lang duurt, wanneer u blijvende gevolgen heeft zoals ontsierende littekens, verlies van een oog of ernstig geestelijk letsel, waaronder straatvrees en langdurige slaapproblemen.

Bij deze beoordeling kunnen behandelingen (fysiotherapeut of psycholoog) die u ondergaat een rol spelen. Bij sommige misdrijven zoals zedenzaken of gewapende overvallen gaat het schadefonds ervan uit dat er sprake is van ernstig letsel ook als u hiervoor geen behandeling of therapie volgt.

Verder mag u niets te verwijten zijn. U mag met andere woorden zelf geen schuld hebben aan hetgeen u is overkomen. Het schadefonds zal daarom onderzoeken of u medeschuldig bent aan het geweldsmisdrijf.

Heeft u zelf een aandeel gehad in het voorval dan kan het schadefonds u een uitkering weigeren of een lagere uitkering vaststellen.

Er treft u bijvoorbeeld een verwijt als:

  • U zelf als eerste geweld gebruikt hebt.
  • U een ander heeft uitgedaagd.
  • U zelf de situatie heeft opgezocht, terwijl u er ernstig rekening mee moest houden dat er geweld tegen u kon worden toegepast (afgesproken vechtpartijen).

Het geweldsmisdrijf moet zich in Nederland hebben afgespeeld, maar u hoeft niet in Nederland te wonen om een aanvraag te kunnen indienen. Wel moet uw aanvraag in principe binnen drie jaar na het geweldsmisdrijf zijn ingediend.

Als laatste voorwaarde voor een eenmalige uitkering geldt dat de schade niet op een andere manier al is vergoed, bijvoorbeeld door de dader of door een verzekeringsmaatschappij. Het Schadefonds Geweldsmisdrijven is namelijk een soort vangnet. Dat wil zeggen dat u in principe alleen even uitkering van het fonds kunt ontvangen als u uw schade niet op een andere manier kunt verhalen.

U hoeft overigens niet te wachten met het indienen van een aanvraag tot het moment dat u duidelijk is of u de schade elders vergoed krijgt. Wel kan het zo zijn dat u het schadefonds moet terugbetalen als later blijkt dat de schade via een andere weg ook is vergoed.

Nadat u uw aanvraag heeft ingediend, zal het schadefonds een onderzoek opstarten. Ontbreekt informatie dan wordt u in de gelegenheid gesteld om deze aan te vullen. Verder kan het schadefonds informatie opvragen bij bijvoorbeeld, politie, de belastingdienst, uw werkgever of een uitkerende instantie of uw medische behandelaar.

Medische gegevens opvragen zonder machtiging is echter niet mogelijk, u dient hiervoor wel toestemming te geven.

U ontvangt een schriftelijke beslissing op uw aanvraag. Bent u het niet eens met de beslissing, bijvoorbeeld omdat u aanvraag wordt afgewezen, of omdat u maar een gedeelte van uw schade vergoed krijgt, dan kunt u een bezwaarschrift indienen. U wordt dan uitgenodigd voor een hoorzitting om uw bezwaren mondeling toe te lichten.

U kunt hiervoor een advocaat in de arm nemen, maar hier zijn kosten aan verbonden. De kosten zijn minimaal de hoogte van de eigen bijdrage voor gefinancierde rechtsbijstand, per 1 januari 2009 is dit een bedrag van 98 euro.

De belangrijkste voorwaarden om een beroep op het Schadefonds Geweldsmisdrijven te kunnen doen nogmaals op een rij:

  • U bent slachtoffer, nabestaande of getuige van even geweldsmisdrijf.
  • Er moet sprake zijn geweest van een ernstig geweldsmisdrijf (mishandeling, diefstal met geweld, verkrachting etc.).
  • U heeft ernstig geestelijk en/of lichamelijk letsel opgelopen.
  • U bent zelf niet (mede) schuldig aan het misdrijf.
  • Het misdrijf is in Nederland gepleegd.
  • U moet binnen drie jaar na het misdrijf een aanvraag voor schade indienen.

De uitkeringen bedragen maximaal 22.700 euro voor materiële schade en 9.100 euro voor smartengeld (immateriële schade).

Slachtoffer van een misdrijf: uw schade verhalen op de dader

Als u slachtoffer bent geworden van een strafbaar feit en daarbij schade hebt opgelopen dan is de dader daar in principe aansprakelijk voor. U kunt in verschillende fases van het strafproces uw schade verhalen.

Ook kunt u in sommige gevallen speciale fondsen die hiervoor in het leven zijn geroepen verzoeken om de schade (deels) te vergoeden (denk aan het Waarborgfonds Motorverkeer en het Schadefonds Geweldsmisdrijven).

Met uw aangifte begint het opsporingsonderzoek naar de verdachte te lopen. De opsporing en vervolging ziet er chronologisch als volgt uit:

  1. De politie zal onderzoeken verrichten, zoals verklaringen van de verdachte en getuigen afnemen en bewijsmiddelen verzamelen. Ook kan de politie bemiddelen tussen u en de verdachte over een vergoeding van schade. De schade moet dan wel eenvoudig zijn vast te stellen, het bedrag moet bekend zijn en het moet duidelijk zijn dat de verdachte de schade heeft veroorzaakt.

    Gaat de verdachte akkoord met het betalen van een schadevergoeding, dan betaald hij het bedrag aan de politie, de politie zal het geld dan weer aan u overmaken. Dat de politie in schade bemiddelt komt niet vaak voor.

    Veel vaker zal de officier van justitie dit doen. Als het onderzoek is afgerond en de politie de zaak niet zelf heeft afgehandeld, wordt de zaak doorgestuurd naar de officier van justitie.
  2. De officier van justitie bepaalt of de verdachte wordt vervolgd of niet. De officier heeft hierbij drie mogelijkheden:
  • Hij kan de zaak seponeren. Dit is de beslissing om de verdachte niet te vervolgen bijvoorbeeld indien er onvoldoende bewijs is. De zaak komt dan niet voor de rechter.
  • Ook kan de officier in sommige gevallen de zaak schikken. Hij biedt de verdachte dan een transactie aan of een strafbeschikking (OM-afdoening). Als de verdachte de transactie of de strafbeschikking nakomt dan ziet de officier van verdere vervolging af. De transactie of de strafbeschikking kan ook bestaan uit de verplichting om de schade te vergoeden aan het slachtoffer.
  • Bij strafzaken van enig gewicht zal de officier besluiten de verdachte te vervolgen. Hij zal de zaak dan voor de strafrechter brengen. Als er in het voortraject (bij de politie of door de officier) geen schaderegeling tot stand is gekomen, kunt u zich als benadeelde partij voegen in het strafproces om zo in het strafproces tegen de verdachte uw schade proberen te verhalen.

    De rechter zal dan een beslissing nemen over de door u ingediende schadeclaim.

Slachtoffer van een misdrijf: voegen in het strafproces

Dit is een belangrijke manier om relatief eenvoudig schade op de dader te verhalen. In feite gaat het hier om een civiele procedure binnen het strafproces. Maar juist omdat het als het ware een procedure binnen een procedure gaat, kan uw schade slechts summier behandeld worden.

Om u ‘te kunnen voegen' in het strafproces moet er wel voldaan zijn aan een aantal voorwaarden:

  • De schade moet zijn ontstaan door het strafbare feit
  • De schade moet eenvoudig en rechtstreeks zijn
  • De verdachte moet bekend zijn
  • De schade mag niet op een andere manier al aan u vergoed zijn
  • De verdachte moet voor het strafbare feit voorkomen bij de strafrechter
  • De verdachte moet gedagvaard zijn voor het feit waarvan u slachtoffer bent geworden
  • De verdachte moet veroordeeld worden door de rechter (straf of maatregel)
  • De verdachte moet ouder zijn dan 14 jaar.

U bent als benadeelde partij niet verplicht om een advocaat in te schakelen als u zich wilt voegen in het strafproces. Toch zal dit in veel gevallen wel aan te raden zijn. Een gespecialiseerde advocaat kan u helpen met het opstellen van uw schadeclaim.

Ook kan hij of zij een goede inschatting maken van de kansen dat uw schade (geheel of gedeeltelijk) wordt toegewezen.

U kunt zich voorafgaand aan de strafzitting voegen of tijdens de zitting. U voegt zich door middel van het invullen en insturen van een speciaal voegingsformulier. Het voegingsformulier krijgt u namens de officier van justitie via het slachtofferloket toegestuurd.

U vult het in en stuurt het voor de zitting terug. U doet er goed aan om eventuele bewijsstukken van de schade mee te sturen.

Voegt u zich voorafgaand aan de zitting dan hoeft u niet in principe niet op de zitting zelf aanwezig te zijn. Ook kunt u zich nog mondeling of schriftelijk voegen op de zitting. Doet u dit schriftelijk dan dient u ervoor te zorgen dat de rechter het liefst voor de aanvang van de zitting een schriftelijke opgave ontvangt van uw schade en de omstandigheden waaronder deze is opgetreden. Dit verzoek om schadevergoeding kunt u aan de rechter overhandigen of aan de griffier.

Ook kunt u mondeling uw schadeverzoek doen, tijdens de zitting. U meldt zich dan voorafgaand bij de bode, die u aan zal melden bij de rechter. De rechter zal u tijdens de zitting dan in de gelegenheid stellen om uw vordering uit een te zetten.

Strafzaken tegen minderjarige verdachten vinden achter gesloten deuren plaats. In dat geval heeft u alleen toegang tot de zitting om uw vordering kenbaar te maken, maar mag u niet de hele zitting in de zaal blijven.

Alleen eenvoudig vast te stellen schade wordt vergoed

Alleen eenvoudige en rechtstreekse schade komen voor vergoeding in het strafproces in aanmerking. Een schadevergoedingsvordering die erg ingewikkeld is, zou te veel tijd in beslag nemen. De schade moet dus makkelijk zijn vast te stellen en rechtstreeks zijn.

Een voorbeeld.

Bart voegt zich als benadeelde partij in het strafproces tegen Marc, die hem zwaar heeft mishandeld. Bart stelt dat hij door de mishandeling ook psychisch letsel heeft opgelopen, waardoor hij niet meer kan werken en daardoor is ontslagen. De hiermee gemoeide schade in de vorm van arbeidsvermogensschade vordert hij van Marc.

Op de zitting betwist Marc het verband tussen de mishandeling, het ontslag en de gevorderde schade. De rechter vindt de vordering te gecompliceerd en verklaart Bart niet-ontvankelijk. Hij moet zijn vordering bij de civiele rechter aanhangig maken.

Let op: als u een ingewikkelde schadeclaim heeft, dan kunt u uw schade ook splitsen. De schade die eenvoudig vast te stellen is, kunt u claimen in het strafproces. De schade die nog niet vaststaat (bijvoorbeeld toekomstige inkomstenderving) kunt u op een later moment in een civiele procedure claimen.

Geen schadevergoeding in strafproces als verdachte jonger is dan 14 jaar

Uw verzoek om schadevergoeding, wordt verder niet door de rechter in behandeling genomen indien de verdachte jonger is dan 14 jaar. Het verzoek tot schadevergoeding is immers een stukje civiele procedure in het strafproces.

Civielrechtelijk zijn minderjarigen onder de 14 jaar niet zelf aansprakelijk voor hun daden en voor de eventueel daaruit voortvloeiende schade. U kunt dan bijvoorbeeld wel de ouders van de verdachte aansprakelijk stellen.

Ook wordt u schadevergoedingsvordering niet in behandeling genomen als de rechter de verdachte vrijspreekt van de verdenking.

Officier van justitie legt uw schadeclaim voor aan de strafrechter

De officier van justitie zal zijn standpunt over uw schadevergoedingsvordering aan de rechter kenbaar maken. Hij kan het geheel met uw vordering eens zijn of deze te hoog of te laag vinden. Hij zal zelf dan een nieuw voorstel aan de rechter doen.

De rechter zal eerst beoordelen of uw vordering ontvankelijk is. De rechter controleert met andere woorden of aan alle voorwaarden voldaan is om uw schadeclaim toe te kunnen wijzen. Zo moet de rechter tot een veroordeling komen van de verdachte wil hij de vordering geheel of gedeeltelijk kunnen toewijzen.

Aan de veroordeelde moet een straf of maatregel zijn opgelegd of een schuldigverklaring zonder toepassing van straf (rechterlijk pardon). De uitkomst van een strafzaak is dus bepalend voor de vraag of uw schadeclaim wel of niet kan worden toegewezen. Bij vrijspraak of ontslag van alle rechtsvervolging kan uw schadeclaim niet toegewezen worden.

Schadeclaim toegewezen: schadevergoedingsmaatregel of niet?

Als de rechter van mening is dat uw schadeclaim (deels) moet worden toegewezen, dan kan dit op twee manieren.

  1. De rechter kan een schadevergoedingsmaatregel opleggen. Dan zal het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) namens u de schadevergoeding proberen te innen. U hoeft hier dan zelf niet achteraan te gaan.
  2. Ook kan de rechter u het recht op schadevergoeding toewijzen zonder de verdachte een schadevergoedingsmaatregel op te leggen. In dat geval veroordeelt de rechter de verdachte wel tot het betalen van de schade, maar moet u deze schade zelf op de verdachte zien te verhalen.

    In dat geval moet u eerst de veroordeelde een aangetekende brief sturen met daarin het verzoek om tot betaling over te gaan binnen een bepaalde termijn. Zodra de termijn is verstreken en niet aan de betaling is voldaan, kunt u een deurwaarder inschakelen.

    Let op: het is verstandig om de rechter te verzoeken om een zogenaamde schademaatregel op te leggen. Dat kan u veel lastige en kostbare incassomaatregelen besparen.

Uw schadeclaim en hoger beroep

Als de officier van justitie of de verdachte in hoger beroep gaat, dan gaat uw vordering als het ware automatisch mee. Als u in eerste aanleg (bij de rechtbank) geen schadeclaim had ingediend, kunt u dit in hoger beroep niet alsnog doen.

U bent dan simpelweg te laat. U zult dan moeten proberen op een andere manier uw schade vergoed te krijgen (bijvoorbeeld door een civiele schadeprocedure te starten).

Als de officier van justitie of de verdachte niet in hoger beroep gaan, dan kunt u eventueel zelf hoger beroep instellen als uw schadeclaim geheel of gedeeltelijk is afgewezen. U moet dan binnen drie maanden door middel van een dagvaarding (uw advocaat kan deze opstellen) kenbaar maken dat u in hoger beroep wilt.

De (hogere) rechter zal uw zaak alleen behandelen als uw totale vordering meer dan 1.750 euro bedraagt. Bent u door de rechter in eerste instantie niet-ontvankelijk verklaard dan kunt u niet in hoger beroep, maar moet u uw schadeclaim via de burgerlijke rechter proberen te incasseren.

Schade verhalen via de burgerlijke rechter

Als u besluit om via de burgerlijke rechter uw schade te verhalen, dan moet u voor schadeclaims lager dan 5.000 euro bij de kantonrechter zijn. U bent dan niet verplicht een advocaat in de arm te nemen, maar verstandig is dit wel.

Als het gaat om een schadeclaim hoger dan 5.000 euro, dan kunt u terecht bij de rechtbank. Bij claims van deze omvang moet u verplicht een advocaat inschakelen.