U moet na de bewaring nog blijven vastzitten? De gevangenhouding

Terug naar overzicht

U moet na de bewaring nog blijven vastzitten? De gevangenhouding

De bewaring duurt maximaal 14 dagen. Als de officier van justitie het nodig vindt dat u langer vast moet blijven, dan komt uw zaak voor de raadkamer van de rechtbank. De officier van justitie zal dan binnen de 14 dagen dat uw bewaring duurt, uw gevangenhouding eisen.

Het verschil met de voorgeleiding is de instantie die beslist of u nog langer moet blijven vastzitten. Bij de bewaring is dit de rechter-commissaris, bij de gevangenhouding is dit de zogenaamde raadkamer van de rechtbank.

De raadkamer bestaat uit drie rechters als er over uw gevangenhouding wordt beslist. Als het gaat om een verlenging van uw gevangenhouding bestaat de raadkamer uit een (1) rechter.

Duur van de gevangenhouding: maximaal 90 dagen

Daarnaast is nog een belangrijk verschil met de bewaring, namelijk de duur waarvoor u vast moet blijven zitten. Bij de bewaring gaat het om een periode van maximaal 14 dagen. Bij de gevangenhouding gaat het over een periode van maximaal 90 dagen.

Eventuele kortere periodes van gevangenhouding (bijvoorbeeld 30 of 60 dagen) kunnen maximaal twee keer verlengd worden. Maar de totale duur van de gevangenhouding mag niet langer zijn dan 90 dagen.

De raadkamer beslist pas na uw verhoor

U moet net als bij de voorgeleiding naar aanleiding van de vordering van de officier van justitie worden gehoord. U kunt hier ook afstand van doen. Dit dient u dan schriftelijk aan te geven. Afstand doen houdt in dat u geen gebruik wil maken van uw recht om bij het verhoor door de raadkamer aanwezig te zijn. U kunt ook uw advocaat machtigen om namens u te gaan.

De raadkamer moet naar aanleiding van het verhoor en op basis van het zaaksdossier dezelfde vragen te beantwoorden als de rechter-commissaris. Zijn er (nog) ernstige bezwaren en zijn er gronden om u langer vast te houden? De raadkamer onderzoekt niet of de aanhouding en de inverzekeringstelling volgens de regels is verlopen, dat heeft de rechter-commissaris al gedaan.

U of uw advocaat kan ook in raadkamer een schorsingsverzoek doen en het verzoek om de voorlopige hechtenis op te heffen omdat de kans groot is dat u te zijner tijd door de strafrechter geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf zal krijgen die langer duurt dan de voorlopige hechtenis.