Het verloop van de bezwaarprocedure

Terug naar overzicht

Het verloop van de bezwaarprocedure

De bezwaarprocedure verloopt meestal volgens een vast patroon. Als u tijdig een bezwaarschrift heeft ingediend, zal het verloop er in chronologische volgorde ongeveer zo uit zien:

1. Ontvangstbevestiging

U ontvangt een ontvangstbevestiging van de uitkerende instantie. Daarmee wordt de goede ontvangst van uw bezwaarschrift bevestigd.

2. Toezending stukken

U heeft recht op inzage in het dossier van de uitkerende instantie. Ook heeft u recht op een kopie van de stukken, eventueel tegen betaling van kopieerkosten. De meeste uitkeringsinstantie zenden alle stukken (gratis) toe, als u daar naar vraagt in uw bezwaarschrift.

3. Aanvulling gronden

Met de toezending van de stukken krijgt u een termijn om de gronden aan te vullen, wanneer dit nog niet is gebeurd. Overigens kunt u altijd, tot uiterlijk op de hoorzitting, nog extra argumenten naar voren brengen.

4. Behandeling door commissie

Uw bezwaar wordt meestal in behandeling genomen door een speciale bezwaarcommissie. Een behandelaar fungeert als contactpersoon.

5. Hoorzitting

Deze bezwaarcommissie moet u de mogelijkheid geven uw bezwaren mondeling toe te lichten op een hoorzitting. Er zal een afspraak voor een hoorzitting met u of uw gemachtigde worden gemaakt.

U bent overigens niet verplicht gebruik te maken van de mogelijkheid om gehoord te worden. Als u niet naar een hoorzitting wilt gaan, zal de uitkeringsinstantie de beslissing nemen op basis van de stukken, die zij op dat moment in haar bezit heeft.

In sommige gevallen mag ook de uitkerende instantie afzien van een hoorzitting. Dit is bijvoorbeeld het geval als uw bezwaar (veel) te laat is ingediend, als uw bezwaar zonder reden is of als de uitkeringsinstantie al weer een nieuwe beslissing genomen heeft waarmee u het volledig eens bent.

Tot tien dagen voorafgaand aan de zitting mag u of uw adviseur nog nieuwe stukken inbrengen.

6. Behandeling op hoorzitting

U mag iemand meenemen naar de hoorzitting. Dat kan een gemachtigde zijn, maar ook uw partner of een vriend. U mag ook eventueel getuigen of deskundigen naar de hoorzitting meenemen. U bent niet verplicht om zelf naar de hoorzitting te gaan, al zal dat in de meeste gevallen wel wenselijk zijn.

Op een hoorzitting zijn meestal twee of meer medewerkers van de uitkeringsinstantie aanwezig. In medische zaken is daarnaast een arts aanwezig. Zij zijn niet betrokken geweest bij de beslissing waartegen u bezwaar maakt.

De feitelijke gang van zaken op de hoorzitting varieert per uitkeringsinstantie. Meestal is het een bijeenkomst waarbij u in de gelegenheid wordt gesteld om uw argumenten nogmaals toe te lichten. Vaak zullen de medewerkers van de uitkeringsinstantie ook een aantal vragen aan u willen stellen.

7. Informatie opvragen

Voor of na de hoorzitting kan de uitkerende instantie ook besluiten nog extra informatie op te vragen. Dit doet zich vooral voor in geval van medische geschillen. Ook voor of na de hoorzitting kan aan u gevraagd worden mee te werken aan een medisch onderzoek.

Van de hoorzitting wordt een verslag gemaakt. Als u er naar vraagt, wordt dit aan u verzonden.

8. Beslissing op bezwaar

Aan de hand van alle argumenten, die naar voren zijn gebracht, neemt de bezwaarcommissie een beslissing op bezwaar.

Beslissing op bezwaar

Als de bezwaarcommissie alle argumenten en informatie heeft verzameld, neemt ze een beslissing op uw bezwaarschrift. De beslissing wordt aan u verzonden per post. Die beslissing kan zijn:

  • dat u helemaal gelijk krijgt
  • dat u gedeeltelijk gelijk krijgt
  • dat u geen gelijk krijgt
  • dat uw bezwaar niet verder wordt behandeld, omdat u bijvoorbeeld zonder goede reden te laat was met het maken van bezwaar.

Als u het niet eens met de beslissing op bezwaar, kunt u beroep instellen bij de rechtbank.

Beslistermijnen in bezwaar

De uitkeringsinstantie dient binnen een wettelijke termijn na ontvangst van het bezwaarschrift een beslissing op bezwaar te nemen. In het algemeen gelden hierbij de volgende termijnen:

  • het bestuurorgaan heeft 6 weken de tijd te beslissen op uw bezwaarschrift
  • deze termijn kan door de uitkeringsinstantie met 4 weken worden verlengd
  • alleen met uw toestemming kan de beslistermijn nog meer verlengd worden

In verschillende wetten wordt afgeweken van de algemene regels:

  • de gemeente heeft in het algemeen 6 weken de tijd om op uw bezwaar te reageren. Wanneer de gemeente een adviescommissie heeft ingesteld, heeft de gemeente 10 weken de tijd
  • de SVB moet binnen 13 weken een beslissing nemen op uw bezwaarschrift
  • het UWV heeft meestal 13 weken de tijd om een beslissing op bezwaar te nemen. Wanneer het een medische kwestie betreft op grond van de WIA/WAO, mag deze termijn verlengd worden naar 17 weken. Bij medische geschillen op grond van de ZW geldt een beslistermijn van 4 weken
  • de zorgverzekeraar moet binnen 13 weken beslissen op uw bezwaar over een AWBZ-vergoeding. Als er een medisch oordeel nodig is, moet de zorgverzekeraar advies vragen aan het College van Zorgverzekeringen. In dat geval is de beslistermijn 21 weken.

Lukt het de instantie niet om op tijd een beslissing op uw bezwaarschrift te nemen, dan mag de uitkeringsinstantie de termijn met 4 weken verlengen. U moet hiervan dan wel op de hoogte worden gesteld.

Als de uitkeringsinstantie geen of niet tijdig de beslissing op bezwaar afgeeft, dan kunt u hiertegen beroep aantekenen bij de rechtbank. U kunt in dat geval ook besluiten om eerst een klacht in te dienen bij de uitkeringsinstantie. In de praktijk is dat ook vaak een effectief middel om alsnog snel een beslissing te krijgen.