praktijkvoorbeelden

Terug naar overzicht

Wmo: Geschiktheid douchestoel en keuze voor voorziening in natura of PGB

Marlies is 4 jaar oud en ernstig meervoudig gehandicapt. Voor haar verzorging is zij volledig afhankelijk van anderen. Zij wordt verzorgd door haar pleegouders en door externe zorgverleners. De pleegouders vragen een elektrisch in hoogte verstelbare douchestoel aangevraagd ter vervanging van een oude douchestoel, omdat deze voor haar te klein voor Marlies is geworden.

Daarnaast vragen de pleegouders om een PGB om zelf een dergelijke stoel te kunnen aanschaffen. De aanvraag wordt afgewezen omdat de aangevraagde hoog-laagverstelling niet leidt tot vergroting of behoud van de zelfstandigheid van Marlies.

Voor Marlies is een douchestoel van het merk Huka adequaat, deze douchestoel is ook de minst kostbare voorziening, waarmee de beperkingen van Marlies gecompenseerd worden. Het elektrisch verstelbaar zijn van een douchestoel vermindert deze beperkingen niet en heft deze ook niet op. Ook het gevraagde PGB wordt afgewezen, alleen een voorziening in natura is mogelijk.

De rechter is van mening dat de gemeente niet goed heeft onderzocht of de douchestoel in dit bijzondere geval wel geschikt is. De gemeente heeft niet onderzocht hoe vaak Marlies gewassen moet worden, hoe lang een douchebeurt duurt, in welke houding en op welke wijze de met de wasbeurt gemoeide handelingen moeten worden verricht en wat daarbij de belasting is voor de zorgverleners.

Bovendien vindt de rechter dat gelet op de specifieke gedragsproblemen van Marlies tijdens het douchen, het belangrijk dat tijdens een douchebeurt een arts of ergotherapeut aanwezig is om goed te kunnen beoordelen welke voorziening adequaat is.

Ook is ten onrechte het PGB geweigerd. De gemeente heeft niet goed gemotiveerd waarom een keuze in dit geval niet mogelijk zou zijn.