Studiefinanciering en bijverdienen

Terug naar overzicht

Studiefinanciering en bijverdienen

Naast uw studiefinanciering mag u in 2012 in totaal 13.362,53 euro bijverdienen. In 2010 en 2011 was de bijverdiengrens 13.215,83 euro. Als u meer bijverdient heeft dat gevolgen voor uw studiefinanciering.

De volgende inkomsten tellen o.a. mee voor uw maximale bijverdienbedrag:

  • Nettoloon, vakantietoeslag en een 13e maand. Reiskosten en (stage)vergoedingen tellen mee als ze belastbaar zijn.
  • Belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen. Denk bijvoorbeeld aan uuitkeringen uit hoofde van de Ziektewet (ZW), Werkloosheidswet (WW), Wet op de arbeidsongeschiktheidverzekering (WAO), Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong). Maar ook lijfrentes en eventueel ontvangen alimentatie valt hieronder.
  • Winst uit onderneming.
  • Belastbare inkomsten uit eigen woning.
  • Voordeel uit sparen en beleggen.
  • Wezenpensioen.

Maar er zijn ook inkomsten die juist niet meetellen voor uw maximale bijverdienbedrag. Het gaat hier bijvoorbeeld om:

  • De studiefinanciering zelf.
  • Uitkeringen op grond van de Wet Werk en Bijstand (WWB) of Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ).
  • Kinderbijslag voor uw kinderen.
  • Huursubsidie.
  • Loterijprijzen. 
  • Eenmalige studiebeurs van een (particulier) studiefonds.
  • Alimentatie voor uw kinderen of van uw ouder(s).

Als u naast uw studiefinanciering meer dan de bijverdiengrens verdient, dan moet u direct uw studiefinanciering stopzetten en ook uw OV-chipkaart inleveren. Waarschijnlijk moet u ook nog een bedrag terugbetalen.

Als u vorig jaar teveel heeft bijverdiend, kunt u nog tot 1 juli van het huidige jaar uw studiefinanciering met terugwerkende kracht stopzetten.