Staande houden en verhoren van een vreemdeling

Terug naar overzicht

Staande houden en verhoren van een vreemdeling

Iedere vreemdeling is verplicht om een adreswijziging te melden en heeft een meldingsplicht bij aankomst in Nederland. Ook heeft een vreemdeling een informatieplicht en een identificatieplicht. Sinds de inwerkingtreding van de wet Momi gelden er ook diverse plichten voor de (erkende) referent. Zo is er een informatie-, zorg- en administratieplicht.

Het niet-nakomen van deze verplichtingen kan leiden tot oplegging van een bestuurlijke boete en kan soms strafbaar zijn.

Wanneer mag een vreemdeling staande worden gehouden en opgehouden voor verhoor?
Het staande houden van een vreemdeling mag alleen als er sprake is van een redelijk vermoeden van illegaal verblijf. Alleen op basis van uiterlijke kenmerken mag iemand niet worden staande gehouden. Op basis van bijvoorbeeld gegevens van de gemeente of een anonieme tip mag een verdachte van niet-Nederlandse afkomst die zich niet kan identificeren worden staande gehouden.

Verhoor
Het staande houden betekent dat een opsporingsambtenaar (vaak politie) naar de identiteit, nationaliteit en verblijfsstatus van de betreffende persoon mag vragen. Als de identiteit niet kan worden vastgesteld, mag diegene meegenomen worden voor verhoor. Dit mag ook wanneer de vreemdeling wel zijn identiteit kan aantonen, maar illegaal in Nederland verblijft.

Een vreemdeling mag gedurende maximaal 6 uur worden opgehouden. Deze termijn mag in het belang van het onderzoek naar de identiteit en verblijfsrechtelijke status van de vreemdeling met ten hoogste 48 uur worden verlengd. De ophouding vindt meestal plaats op een politiebureau.

Wanneer alle andere middelen tot het vaststellen van de identiteit zonder resultaat blijven, mag er een onderzoek plaatsvinden aan de kleding en het lichaam en mogen er bijvoorbeeld foto's en vingerafdrukken genomen worden.