praktijkvoorbeelden

Terug naar overzicht

Fotograaf is freelancer en geen werknemer

De heer L. werkt al sinds 1984 voor een uitgeverij als fotograaf op basis van een overeenkomst van opdracht. Elk jaar sloten partijen een nieuwe overeenkomst van opdracht af. Op enig moment zegt de uitgeverij de samenwerking op per 1 januari 2003. L. stelt zich dan op het standpunt dat er tussen partijen inmiddels sprake is van een arbeidsovereenkomst.

Volgens L. zou hij eerder hebben aangegeven niet meer als freelancer te willen werken. Ook beroept L. zich op een wettelijke regel die aangeeft dat er sprake is van een vermoeden van het bestaan van een arbeidsovereenkomst als er gedurende een periode van drie maanden of meer wekelijks betaald werk wordt verricht.

De rechter in hoger beroep stelt L. uiteindelijk in het ongelijk. Er is volgens de rechter sprake van een overeenkomst van opdracht en niet van een arbeidsovereenkomst omdat:

  • L. elk jaar instemde met een nieuwe overeenkomst van opdracht en L. daarbij in recente jaren is bijgestaan door een advocaat
  • L. werd betaald op basis van door hem ingediende facturen waarbij BTW in rekening werd gebracht
  • L. het recht had om opdrachten te weigeren
  • L. geen loon tijdens ziekte, vakantiegeld of vakantiedagen ontving
  • L. door de Belastingdienst als ondernemer werd aangemerkt
  • L. het auteursrecht op zijn foto's behield, zelf in (foto)apparatuur investeerde en zich op zijn website als zelfstandig fotograaf presenteerde