Banksparen (lijfrentespaarrekening)

Terug naar overzicht

Banksparen (lijfrentespaarrekening)

Sinds 1 januari 2008 is het ook mogelijk om niet via een verzekeringsmaatschappij maar via een bank een lijfrente aan te schaffen. De bedragen die u overmaakt naar een dergelijke lijfrentespaarrekening zijn aftrekbaar als er in uw situatie sprake is van een pensioentekort.

Het principe van een lijfrentespaarrekening (bank) en de lijfrenteverzekering (verzekeringsmaatschappij) is gelijk. Beide varianten bieden u de mogelijkheid om een (aanvullende) oudedagsvoorziening op te bouwen. Toch zijn er wel de nodige verschillen tussen beide constructies:

Lijfrenteverzekering

Als u kiest voor een lijfrenteverzekering dan stort u jaarlijks (premie) of eenmalig (koopsom) een bedrag (de zogenaamde lijfrentepremie/koopsom) bij een verzekeraar. Met de premies of koopsom die u betaalt wordt door de verzekeraar een kapitaal opgebouwd.

Vanaf een vooraf overeengekomen leeftijd (bijvoorbeeld vanaf uw 65-jarige leeftijd) ontvangt u dan een periodieke lijfrente-uitkering van de verzekeringsmaatschappij die stopt bij uw overlijden. De uitkeringen moeten van de fiscus uiterlijk ingaan als u 70 jaar wordt.

Nadelen lijfrentepolis:

  • Aan het afsluiten van een lijfrentepolis kunnen hoge kosten verbonden zijn. Dit geldt niet voor alle lijfrentepolissen. Een goed vergelijk is hier dan ook aan te bevelen.
  • Mocht u overlijden tijdens de uitkeringsperiode dan vervalt het restant van het opgebouwde kapitaal aan de verzekeraar. Als u direct na de ingangsdatum overlijdt, leidt dit tot vermogensverlies voor de nabestaanden. Met een zogenaamde contraverzekering kunt dit risico overigens wel afdekken, maar daar zijn dan wel kosten aan verbonden

Voordelen lijfrentepolis:

Vanwege het verzekeringselement kan iemand die heel oud wordt, veel langer een uitkering ontvangen dan dezelfde persoon die voor banksparen gekozen heeft.

Banksparen

Bij banksparen stort u bedragen op een lijfrentespaarrekening. Dit is een geblokkeerde rekening. U kunt ook een recht verwerven op geblokkeerde rechten van deelneming in een beleggingsinstelling. Dit noemt men een lijfrentebeleggingsrecht.

Het gespaarde kapitaal kan inclusief het rendement bij een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht worden gebruikt om lijfrentermijnen (lijfrenteverzekering) bij een verzekeraar aan te kopen of om vanaf een bepaalde ingangsdatum in vaste en gelijkmatige termijnen van de bank te ontvangen. De uiterste ingangsdatum is het jaar waarin u 70 wordt.

Nadelen banksparen:

  • Tussen twee uitkeringen uit een lijfrentespaarrekening of lijfrentebeleggingsrecht mag maximaal één jaar zitten. Langer is dus niet toegestaan. U moet periodiek dus met tussenpozen van maximaal één jaar uitkeringen ontvangen.
  • Daarnaast dient u rekening te houden met een minimale looptijd van de uitkeringen. Als de eerste uitkering plaatsvindt vóór het jaar waarin u 65 wordt, moet de laatste termijn ten minste twintig jaar later plaatsvinden plus het aantal jaar dat u jonger bent dan 65 jaar. Als de eerste uitkering plaatsvindt na het jaar waarin u 64 bent geworden, moet de laatste termijn ten minste twintig jaar later plaatsvinden.

Het is overigens ook mogelijk om voor een uitkeringsduur van 5 jaar te kiezen. In dat geval mogen de uitkeringen echter niet eerder ingaan dan op 65 jarige leeftijd en niet meer bedragen dan 20.097 euro per jaar (2009).

Voordelen banksparen:

  • Mogelijk lagere kosten dan bij verzekeren.
  • Bij overlijden gaat het recht op uitkeringen uit de lijfrentespaarrekening of uit het lijfrentebeleggingsrecht over naar de nabestaanden. Het (resterende) kapitaal vervalt dus niet aan de bank. Ontving degene die is overleden al uitkeringen van de bank dan blijven de oorspronkelijke ingangs- en einddatum gelden.