Ga naar content

Wat is voorlopige hechtenis en wanneer kan dit worden toegepast?

Na de periode van inverzekeringstelling volgt eventueel een periode die voorlopige hechtenis wordt genoemd. De voorlopige hechtenis is een verzamelnaam voor de verschillende perioden (bewaring, gevangenhouding, gevangenneming) die u voorafgaand aan de inhoudelijke behandeling van uw strafzaak vast kunt zitten.

De rechter-commissaris beslist over de inbewaringstelling (de eerste fase van de voorlopige hechtenis). Of u ook vast moet blijven zitten in het kader van de zogenaamde gevangenhouding en gevangenneming, beslist de raadkamer.

Hoewel de officier van justitie dus kan beslissen om u wel of niet inverzekering te stellen kan voorlopige hechtenis alleen door tussenkomst van de rechter worden opgelegd. De rechter in de hoedanigheid van rechter-commissaris of raadkamer beslist dus over de voorlopige hechtenis.

Nadat u maximaal voor 15 uur bent opgehouden voor verhoor en u maximaal 6 dagen inverzekering heeft gezeten, kunt u maximaal 104 dagen in voorlopige hechtenis zitten, voordat uw zaak voor de eerste keer op zitting komt.

Dit kan ook een pro forma zitting zijn, hetgeen inhoud dat uw zaak niet inhoudelijk zal worden behandeld. Tijdens de pro forma zitting zal de rechtbank beslissen over de voortduring van uw voorlopige hechtenis en kunnen er onderzoekswensen worden voorgelegd aan de rechtbank.

Alleen als er aan de navolgende voorwaarden is voldaan mag u  in voorlopige hechtenis worden genomen:

  1. of de aanhouding volgens de regels is verlopen (of deze rechtmatig was),
  2. of er meer tegen iemand is dan een vage verdenking (=ernstige bezwaren)
  3. of er daarnaast 1 of meer gronden zijn:

Er moet sprake zijn van bepaalde gronden:

Naast bepaalde strafbare feiten en ernstige bezwaren, moeten er ook gronden zijn voor de voorlopige hechtenis.

U kunt alleen in voorlopige hechtenis genomen worden als voldaan is aan een van deze gronden, naast deze opsomming zijn er geen andere gronden denkbaar, de opsomming is dus uitputtend:

  • Uit uw gedragingen of persoonlijke omstandigheden blijkt van vluchtgevaar.
  • Uit omstandigheden blijkt dat er gevreesd moet worden voor de maatschappelijke veiligheid. Deze grond is alleen van toepassing als:
    • U verdacht wordt van een strafbaar feit waarop een maximale gevangenisstraf staat van 12 jaar of meer, en
    • De rechtsorde ernstig door het feit geschokt is. U moet dan bijvoorbeeld denken aan het feit het strafbare feit door bijvoorbeeld media-aandacht heeft geleid tot maatschappelijke onrust.
  • Er wordt ernstig rekening gehouden met het feit dat u, als u op vrije voeten wordt gesteld, opnieuw een soortgelijk misdrijf zult begaan (de vrees voor herhaling):
    • waarop een gevangenisstraf staat van 6 jaar of meer, of
    • waardoor de veiligheid van de staat, of de gezondheid en veiligheid van personen in gevaar kan worden gebracht, of er algemeen gevaar voor goederen kan onstaan. Voorbeelden hiervan zijn: een aanslag tegen de koning(in), schenden van staatsgeheimen, brandstichting en vernieling van gebouwen.
  • Als u verdacht wordt van een aantal specifieke misdrijven (zoals mishandeling, verduistering, diefstal, oplichting, beschadigen van goederen of dieren en witwassen) terwijl er nog geen vijf jaren voorbij zijn vanaf het moment dat u voor een van deze strafbare feiten bent veroordeeld en er rekening mee gehouden moet worden dat u weer een van deze misdrijven zult begaan.
  • Als voorlopige hechtenis noodzakelijk is om de waarheid boven water te krijgen op een ander manier dan uw eigen verklaringen. Het gaat bij deze grond om de vrees dat u bij vrijlating het onderzoek kunt saboteren of tegenwerken. Dit noemt men ook wel de vrees voor collusie. De vrees kan bestaan uit het feit dat u getuigen gaat be├»nvloeden of sporen van het misdrijf gaat uitwissen.

Er moet naast de aanwezigheid van ernstige bezwaren dus sprake zijn van een van de bovenstaande gronden om u in voorlopige hechtenis te kunnen nemen. Hierop bestaat een uitzondering.

Er zal namelijk geen voorlopige hechtenis worden opgelegd, ook al is er voldaan aan de voorwaarden, als de duur dat u in voorlopige hechtenis zit langer is dan de duur van de straf die de rechter u in geval van veroordeling zal opleggen.

Over hoe lang dat is valt dus niets concreets te zeggen dit is per geval verschillend. Het gaat er om dat de rechter een voorschot neemt op de op te leggen straf.

Een voorbeeld.

U bent niet eerder in aanraking gekomen met politie en justitie. U heeft dus een blanco strafblad. Voor feiten als eenvoudige mishandeling, een fietsendiefstal of heling van een laptop is de kans groot dat u een taakstraf krijgt in plaats van een gevangenisstraf mocht u worden veroordeeld.

In die gevallen waarbij dus geen onvoorwaardelijke gevangenisstraf te verwachten valt, zal de rechter ondanks het bestaan van ernstige bezwaren en gronden, de voorlopige hechtenis niet bevelen.

Ook interessant voor u:

Terug naar boven