De verschillende straffen

Terug naar overzicht

De verschillende straffen

Het Nederlandse strafrecht kent vier zogenaamde hoofdstraffen:

  1. Gevangenisstraf
  2. Hechtenis
  3. Taakstraf
  4. Geldboete

De gevangenisstraf en de hechtenis worden ook wel vrijheidsstraffen genoemd.

Daarnaast zijn er ook een aantal zogenaamde bijkomende straffen:

  • Ontzetting van bepaalde rechten
  • Verbeurdverklaring
  • De openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak

U krijgt alleen een gevangenisstraf opgelegd als u bent veroordeeld voor een misdrijf. U moet deze straf dan uitzitten in een zogenaamde penitentiaire inrichting (gevangenis).

De penitentiaire inrichtingen (P.I.'s) zijn over heel Nederland verspreid. Bij plaatsing wordt indien mogelijk rekening gehouden met uw woonplaats en wordt er gekeken naar een P.I. in de buurt. Als dit niet lukt kan het best zo zijn dat u in een P.I. wordt geplaatst ver bij u uit de buurt.

Gevangenisstraf en hechtenis

Een gevangenisstraf kan tijdelijk worden opgelegd of levenslang. Levenslang is in Nederland ook echt levenslang. Bij een aantal misdrijven kan levenslange gevangenisstraf worden opgelegd, maar de rechter kan altijd besluiten voor een tijdelijke gevangenisstraf van 30 jaar.

Voor strafbare feiten waarop geen levenslang staat, kan de rechter een tijdelijke gevangenisstraf opleggen voor maximaal 15 jaar. De gevangenisstraf wordt minimaal opgelegd voor 1 dag.

Door sommige omstandigheden kan de tijdelijke gevangenisstraf van maximaal 15 jaar opgerekt worden naar 30 jaar. Dit kan als er sprake is van:

  • een samenloop van strafbare feiten
  • terroristische misdrijven
  • recidive (herhaling van strafbare feiten)
  • strafbare feiten gepleegd door personen met een bepaald beroep

Hechtenis

Als u veroordeeld wordt voor een overtreding is het mogelijk dat u enige tijd in hechtenis moet doorbrengen. Dit is als het ware een soort gevangenisstraf. De hechtenis moet in het algemeen worden uitgezeten in een zogenaamd huis van bewaring.

Tussen een huis van bewaring en een gevangenis zijn wel enige verschillen. In een huis van bewaring zijn in het algemeen minder voorzieningen zoals arbeid en sport. Het regiem is sober.

De hechtenis wordt minimaal opgelegd voor de duur van een dag en maximaal voor de duur van een jaar. In uitzonderlijke gevallen kan de hechtenis de duur van een jaar te boven gaan en voor 1 jaar en vier maanden worden opgelegd.

Er moet dan sprake zijn van strafverzwarende omstandigheden, bijvoorbeeld:

  • recidive (herhaling)
  • strafbare feiten gepleegd door personen met een bepaald beroep
  • samenloop (van meerdere strafbare feiten)

Voorwaardelijke veroordeling

Een vrijheidsstraf kan geheel of gedeeltelijk voorwaardelijk op worden gelegd. Een (deels) voorwaardelijke veroordeling houdt in dat u dat gedeelte van de straf niet uit hoeft te zitten. De rechter legt bij het voorwaardelijke deel een proeftijd op.

Gaat u tijdens de proeftijd opnieuw de fout in, pleegt u met andere woorden een strafbaar feit, dan kan het voorwaardelijke deel alsnog ten uitvoer worden gelegd.

De voorwaardelijke straf is een stok achter de deur om u op het rechte pad te houden.

Bij vrijheidsstraffen (gevangenisstraf en hechtenis) opgelegd voor de duur van maximaal twee jaar, kan de rechter de straf geheel of gedeeltelijk voorwaardelijk opleggen.

Legt de rechter een gevangenisstraf tussen de twee en de vier jaren op, dan kan de rechter bepalen dat een deel van de straf met een maximum van twee jaar als voorwaardelijk wordt opgelegd.

Bij een gevangenisstraf van meer dan vier jaar, is het voor de rechter niet mogelijk om een gedeelte voorwaardelijk op te leggen.

De proeftijd

Als de rechter bepaalt dat de vrijheidsstraf geheel of gedeeltelijk voorwaardelijk wordt opgelegd, dan moet de rechter daarvoor een proeftijd opleggen. De proeftijd is in het algemeen twee of drie jaar en in uitzonderlijke gevallen tien jaar. Zolang u vast zit, loopt de proeftijd (nog) niet.

Aan de proeftijd is dus altijd de algemene voorwaarde verbonden die bepalen dat u binnen de proeftijd geen strafbare feiten mag plegen. Daarnaast kunnen er ook enkele bijzonder voorwaarden worden opgelegd:

  • U moet een schadevergoeding betalen
  • U wordt opgenomen in een inrichting
  • U moet een waarborgsom betalen
  • U met een geldbedrag storten in het schadefonds geweldsmisdrijven
  • U moet aan een bepaalde gedragsvoorwaarde voldoen (straatverbod, contactverbod, stadionverbod, medische ingreep)

De voorwaarden kunnen gedurende proeftijd worden gewijzigd. Ook kan de proeftijd op uw verzoek of op verzoek van het openbaar ministerie 1x worden verkort of verlengd. Als het gaat om een verlenging gebeurt dit voor de duur van een jaar.

De voorwaardelijke invrijheidsstelling

Als u veroordeeld bent tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf kunt u in aanmerking komen voor vervroegde invrijheidsstelling. Dit betekent dat u uw straf dan niet helemaal uit hoeft te zitten. Per 1 juli 2008 is deze regeling ingrijpend veranderd.

Voor 1 juli 2008 kwam u al voor voorwaardelijke invrijheidsstelling in aanmerking als u een vrijheidsstraf was opgelegd voor de duur van 6 maanden. Vanaf 1 juli 2008 komt u alleen voor vervroegde vrijlating in aanmerking als u minimaal een vrijheidsstraf opgelegd heeft gekregen van een (1) jaar.

Voor straffen tussen één jaar en twee jaar vindt voorwaardelijke invrijheidstelling plaats nadat u één jaar heeft gezeten. Daarnaast moet u van het overblijvende gedeelte een derde (1/3) hebben uitgezeten.

Bij straffen langer dan twee jaar vindt vervroegde invrijheidstelling pas plaats als tweederde van gevangenisstraf is uitgezeten.

Sinds 1 juli 2008 is de voorwaardelijke invrijheidsstelling helemaal niet meer van toepassing als de rechter u een deels voorwaardelijke straf oplegt.

Aan de voorwaardelijke invrijheidsstelling kunnen een aantal voorwaarden verbonden worden. Deze voorwaarden staan dan in het strafvonnis van de rechter beschreven.

Als algemene voorwaarde geldt dat u niet opnieuw een strafbaar feit mag plegen voor de duur van de proeftijd. Deze proeftijd is gelijk aan de duur van de periode waarover u in voorwaardelijke vrijheid wordt gesteld, maar bedraagt minimaal een (1) jaar.

Daarnaast kunnen er bijzondere voorwaarden aan de invrijheidstelling worden opgelegd.

Enkele voorbeelden:

  • U moet deelnemen aan een bepaalde programma, bijvoorbeeld terugkeer in de maatschappij
  • U moet bijzondere zorg ondergaan, bijvoorbeeld verslavingszorg

Aan deze bijzondere voorwaarden kan ook elektronisch toezicht worden verbonden.

De bijzondere voorwaarden mogen overigens nooit in strijd zijn met godsdienst, levensovertuiging of staatkundige vrijheid. Het openbaar ministerie beslist over de bijzondere voorwaarden. De directeur van de penitentiaire inrichting (gevangenis) heeft daarbij een adviserende rol.

Het toezicht van de naleving van de voorwaarden ligt bij het openbaar ministerie dat dit toezicht uit handen kan geven aan de reclassering. De reclassering kan ook belast worden met de begeleiding van de veroordeelde bij de voorwaarden. Als u de voorwaarden niet naleeft, dan meldt de reclassering dit aan het openbaar ministerie.

Bij de voorwaarden stelt de rechter een proeftijd vast.

Ook kan de rechter de bijkomende straffen geheel of gedeeltelijk voorwaardelijk opleggen.

Strafcombinaties

De rechter hoeft geen keuze te maken tussen de hoofdstraffen hij kan ze gecombineerd opleggen.

U kunt dus een geldboete krijgen naast een taakstraf of vrijheidsstraf. Ook kunt u naast een (on)voorwaardelijke vrijheidstraf een taakstraf opgelegd krijgen (maar dan mag de onvoorwaardelijke vrijheidsstraf niet meer dan 6 maanden bedragen).

Rechterlijk pardon

In uitzonderlijke gevallen kan de rechter tot de overtuiging komen dat u het strafbare feite wel gepleegd heeft, maar dat hij u hiervoor geen straf oplegt. Dit wordt in vaktaal het rechterlijk pardon genoemd.

Het rechterlijk pardon wordt alleen opgelegd in bijzondere gevallen die te maken hebben met:

  • de geringe ernst van het strafbare feit
  • de persoonlijkheid van de dader
  • de omstandigheden waaronder het feit is begaan
  • de omstandigheden die zich na die tijd hebben voorgedaan