Verdovende middelen en straffen

Terug naar overzicht

Verdovende middelen en straffen

De Opiumwet verbiedt het bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren of aanwezig hebben van middelen die genoemd worden op twee lijsten met illegale middelen.

Op lijst I staan alle middelen met een onaanvaardbaar risico, harddrugs zoals opium, heroïne, cocaïne, amfetamine, LSD en XTC. Op lijst II staan andere middelen, softdrugs zoals wiet, hasj en ghb.

Dit verbod geldt in het algemeen niet voor apothekers, apotheekhoudende artsen en dierenartsen, mits zij aan bepaalde voorwaarden voldoen. Ook heeft de overheid aantal personen en instellingen aangewezen die dergelijke stoffen als geneesmiddelen op voorraad mogen hebben voor de uitoefening van hun beroep.

Een strafbaar feit uit de Opiumwet kan een overtreding zijn of een misdrijf. Dit hangt af van de vraag of het strafbare feit al dan niet opzettelijk gepleegd is. Als er geen sprake is van een opzettelijke gedraging, dan is er sprake van een overtreding.

Er is sprake van een misdrijf als u opzettelijk heeft gehandeld. Het begrip ‘opzet' in strafrechtelijke zin is niet gelijk aan het woord ‘opzet' in het normale spraakgebruik. In het strafrecht kunt u veroordeeld sneller voor opzettelijk handelen veroordeeld worden dan u op basis van het normale spraakgebruik misschien zou denken.

Een voorbeeld.

Hans en Peter zitten samen in de auto richting Amsterdam om daar een zak af te halen. Hans weet wat er in de zak zit die ze moeten ophalen, Peter weet eerst nog van niets. Peter krijgt van Hans te horen dat er ‘waarschijnlijk hasj in de zak zit'. Verder vertelt Hans aan Peter dat hij een smoesje moet verzinnen als ze toevallig door de politie worden aangehouden.

Ze worden inderdaad aangehouden en de zak blijkt geen hasj maar amfetamine te bevatten. Peter stelt zich in de strafrechtprocedure op het standpunt dat hij niet opzettelijk gehandeld heeft, hij wist immers niet dat er amfetamine in de zak zat.

Uiteindelijk moet de Hoge Raad de zaak beoordelen. Volgens deze rechters was er bij Peter wel degelijk sprake van (strafrechtelijk) opzet. Peter had zich namelijk ‘bewust blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat de zak inderdaad een verdovend middels zoals amfetamine zou bevatten.'

Daarmee is er sprake van strafrechtelijk opzettelijk handelen. Peter had naar aanleiding van de mededelingen van Hans nader onderzoek moeten doen. Door dit na te laten heeft hij zich bewust blootgesteld aan de kans dat er drugs in de zak zaten.

Een ander voorbeeld.

U staat op het punt om op Schiphol het vliegtuig te pakken voor een welverdiende vakantie. Iemand vraagt aan u of u een pakketje mee wilt nemen naar het buitenland. Als later blijkt dat er drugs in dit pakketje zitten, moet u er rekening mee houden dat u veroordeeld kunt worden wegens het opzettelijk in uw bezit hebben van verdovende middelen.

Straffen en richtlijnen

De rechter houdt bij het opleggen van de straf de eis van de officier van justitie in zijn achterhoofd. De rechter kan u een straf opleggen die boven de strafeis uitgaat, maar de rechter moet dit dan wel in zijn vonnis motiveren (uitleggen). Als de rechter een lagere straf wil opleggen dan de strafeis, hoeft hij dit niet te motiveren.

Naast de eis van de officier van justitie, houdt de rechter ook rekening met uw persoonlijke omstandigheden zoals ze die uit het zaaksdossier blijken. Ook zijn er voor de rechter richtlijnen voor het opleggen van een straf, de zogenaamde strafrichtlijnen.

De richtlijnen zijn er dus voor om de eenheid in de straffen in Nederland te bewaren. De rechter mag echter van de richtlijnen afwijken, maar zal door een hogere rechter op zijn vingers worden getikt als hij een buitensporig hoge straf oplegt.

Daarnaast zal de rechter rekening moeten houden met het strafmaximum dat voor elk strafbaar feit in de wet is opgenomen. De rechter mag niet boven die maximum uitgaan.


Hieronder enkele veelvoorkomende overtredingen van de Opiumwet en strafrichtlijnen van de rechter:

Dealen van harddrugs van uit een pand en/of op straat

Het verkopen, afleveren, verstrekken van gebruikershoeveelheden harddrugs vanuit een pand of op straat, met enige regelmaat:

  • minder dan een maand: 3 maanden gevangenisstraf
  • tussen een maand en drie maanden: 6 maanden gevangenisstraf
  • tussen drie maanden en zes maanden: 8 maanden gevangenisstraf
  • tussen de zes en twaalf maanden: 12 maanden gevangenisstraf

Het exploiteren van een hennepkwekerij

Het in bezit hebben van een min of meer bedrijfsmatige (een zekere professionele) hennepkwekerij in een ruimte (bijvoorbeeld in een huis of loods), met als doel de planten te verkopen.

Als er sprake is van de volgende voorwaarden:

  • het is de eerste keer dat u hiervoor gepakt wordt ( u bent een zogenaamde first offender)
  • u hebt niet in georganiseerd verband geopereerd
  • uw financieel voordeel wordt u ontnomen
  • de in beslag genomen goederen (planten, lampen, koolstoffilters etc.) worden verbeurd verklaard of onttrokken aan het verkeer. Die krijgt u dus niet terug, maar worden vernietigd

Als aan al deze voorwaarden voldaan is geldt de volgende strafrichtlijn:

  • bij 50 - 100 planten: geldboete van 1.000 euro
  • bij 100 - 500 planten: 6 weken gevangenisstraf
  • bij 500 - 1.000 planten: 12 weken gevangenisstraf