Het verloop van een strafzitting

Terug naar overzicht

Het verloop van een strafzitting

In de dagvaarding staat precies vermeldt waar en wanneer u voor de rechter moet verschijnen. Daarnaast staat in de dagvaarding vermeldt van welk strafbaar feit u verdacht wordt te hebben gepleegd.

Bij binnenkomst van de rechtbank of het gerechtshof zal de portier u vertellen waar u moet zijn en in welke ruimte u zich moet melden. Daarna moet u eerst door de beveiliging. Deze beveiliging wordt vaak vergeleken met Schiphol. Uw (hand)tas wordt namelijk gescand en u moet door een detectiepoortje, nadat u al uw metalen voorwerpen heeft afgedaan.

Als u door de beveiliging bent, is het de bedoeling dat u zich meldt bij een zogenaamde bode. Deze bode noteert of alle personen voor een bepaalde zitting aanwezig zijn. Ook roept de bode de zaak uit (‘aanvang van de zaak Openbaar Ministerie tegen Janssen') op het moment dat de zitting gaat beginnen.

Houd er rekening mee dat zeker op het einde van de dag de zittingen uit kunnen lopen. Het kan dus zijn dat u (even) moet wachten.

Als u zich in voorlopige hechtenis bevindt dan zal de Dienst Justitiële Inrichtingen voor uw vervoer zorgen. Zij zullen er dan voor zorgen dat u op de dag van de zitting op transport komt vanuit het huis van bewaring.

De duur van de zitting hangt helemaal af van de omvang van uw dossier (in sommige gevallen gaat het om tientallen ordners), de ingewikkeldheid van uw zaak, het aantal (mede)verdachten en uw proceshouding als verdachte. Sommige zittingen zijn in tien minuten voorbij, andere zittingen duren meerdere dagen.

De zitting is in principe openbaar. Dat wil zeggen dat iedereen die belangstelling heeft voor de zitting kan komen kijken, inclusief media. Als verdachte kunt u de rechter(s) verzoeken om u zaak besloten (‘achter gesloten deuren') te behandelen. Daar moet u dan wel goede redenen voor aanvoeren.

Ook het Openbaar Ministerie (OM) of eventuele derde personen (slachtoffer) kunnen dit verzoek bij de rechter(s) indienen. De rechter(s) kunnen ook zelf beslissen dat uw zaak achter gesloten deuren behandeld wordt.

Zittingen waarbij een minderjarige verdachte terecht staat vinden in het algemeen achter gesloten deuren plaats.

Zitting loopt via vast patroon

De gang van zaken tijdens een zitting verloopt altijd volgens een vast patroon. De rechter opent de zitting en zal uw persoonsgegevens met u doorlopen. Ook controleert de rechter welke andere personen aanwezig zijn. Dit kunnen zijn: uw advocaat, Bureau Jeugdzorg, Raad voor de Kinderbescherming, getuigen, deskundigen etc).

Daarnaast deelt de rechter u mede dat u goed moet opletten wat er tijdens de zitting gebeurt. Ook zal de rechter u vertellen dat u niet verplicht bent om te antwoorden op de vragen.

Nadat dit gebeurd is, is het woord aan de officier van justitie. Die zal aan de rechter uitleggen van welk strafbaar feit u precies wordt verdacht, met andere woorden wat u ten laste is gelegd in de dagvaarding.

De rechter zal u daarna vragen gaan stellen over deze verdenking. De officier van justitie en uw advocaat worden ook in de gelegenheid gesteld om vragen te stellen. De rechter, de officier van justitie of uw advocaat kunnen ook getuigen en deskundigen vragen stellen.

Getuigen en deskundigen

Getuigen en deskundigen worden ter zitting beëdigd. Dit houdt in dat ze door middel van het afleggen van de eed of belofte officieel voor de rechter verklaren dat ze de waarheid zullen spreken. De eed is bedoeld voor mensen die in God geloven en luidt: ‘Zo waarlijk helpe mij God almachtig.'

De belofte moet worden uitgesproken door niet-gelovige getuigen en deskundigen en luidt: ‘Dat beloof ik'. De eed en belofte hebben niet alleen een symbolische waarde. Een getuige die liegt terwijl hij beëdigd is, kan strafrechtelijk vervolg worden.

Benadeelde partij

Als u slachtoffer bent geworden van een strafbaar feit en daarbij schade hebt opgelopen dan is de dader daar in principe aansprakelijk voor. U kunt in verschillende fases van het strafproces of door middel van een civiele procedure uw schade verhalen. Ook kunt u in sommige gevallen speciale fondsen die hiervoor in het leven zijn geroepen verzoeken om de schade (deels) te vergoeden.

Een benadeelde partij (het slachtoffer) kan zich in uw strafproces voegen. Dit houdt kort gezegd in dat hij de schade die hij heeft geleden als gevolg van het strafbare feit waarvan u verdacht wordt op u probeert te verhalen. De benadeelde partij heeft een spreekrecht en zal door de rechter dus in de gelegenheid worden gesteld om een aantal woorden te spreken of een slachtofferverklaring voor te lezen.

De benadeelde partij mag alleen praten over de gevolgen die hij of zij heeft ondervonden van het misdrijf. De benadeelde partij mag zich dus niet inhoudelijk over de zaak uitlaten. Hij mag bijvoorbeeld niet zeggen dat u schuldig bent.

Mogelijk heeft de benadeelde partij in uw strafprocedure een eis tot schadevergoeding ingediend. Deze eis mag de benadeelde partij toelichten. De benadeelde partij kan ook een advocaat in de arm nemen die dit namens hem of haar doet.

Requisitoir van de officier van justitie

Nadat de rechter vragen heeft gesteld aan u over de zaak, er eventueel getuigen en deskundigen zijn gehoord en het slachtoffer heeft gesproken zal de officier van justitie zijn visie geven op uw zaak. Dit noemt men het requisitoir.

De officier van justitie eindigt zijn verhaal met de strafeis. Hij kan de rechter verzoeken om een straf of maatregel op te leggen, maar kan in uitzonderlijke gevallen ook vragen om u vrij te spreken. Daarnaast zal de officier van justitie zich uitlaten over de vordering van de benadeelde partij.

Uw strafrechtadvocaat aan het woord

Nadat de officier van justitie aan het woord is gekomen, is het de beurt aan uw advocaat. Uw advocaat zal de verdediging namens u voeren. Indien u geen advocaat in de arm heeft genomen, zal de rechter u in de gelegenheid stellen uw eigen verhaal te doen.

Daarna vindt er nog een tweede ronde plaats. De officier van justitie mag namelijk nog een keer reageren op het verhaal van uw advocaat en daarop mag uw advocaat dan nog een keer het woord voeren. U krijgt als verdachte het laatste woord.

Tip: Overleg met uw advocaat en bekend vooraf wat u wilt gaan zeggen. Indien de verdediging voor vrijspraak gaat, kunt u bij het laatste woord bijvoorbeeld niet zeggen dat het u spijt.

Na het laatste woord volgt meestal in kantonzaken en politierechterzaken direct het mondelinge vonnis. In de zaken die dienen voor de meervoudige kamer vindt in de regel het vonnis na 14 dagen plaats.

Chronologisch ziet het verloop van een strafzitting er als volgt uit:

  1. De bode roept de zaak uit.
  2. De rechter controleert de persoonsgegevens.
  3. De officier van justitie draagt de tenlastelegging voor.
  4. Onderzoek door de rechter (vragen aan verdachte, horen van getuigen/ deskundigen/voorhouden van stukken).
  5. Behandeling van de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
  6. De vordering van de benadeelde partij en/of uitoefening van het spreekrecht.
  7. De strafeis van de officier van justitie, het requisitoir.
  8. De visie van de verdediging, het pleidooi.
  9. De tweede ronde, reactie van de officier en daarna van de advocaat re- en dupliek.
  10. Het laatste woord van de verdachte.
  11. De sluiting van het onderzoek.
  12. De uitspraak van de rechter (in de regel direct na het onderzoek bij ktn.rtr en pol.rtr).