Ga naar content

Alimentatie bij meerderjarige kinderen

Alimentatieregelingen zijn meestal gericht op minderjarige kinderen. Maar hoe zit dat bij een scheiding waar meerderjarige kinderen bij betrokken zijn? Onze eigen Judex-mediator Marieke van Plateringen schrijft elke maand een blog. Ze geeft praktische tips en handige feitjes. Nieuwsgierig? Lees dan snel verder.

Vanaf de 18de verjaardag is een kind meerderjarig en vervalt het ouderlijk gezag. Alle gemaakte afspraken uit het ouderschapsplan over jullie minderjarige kind komen te vervallen. Het kind mag vanaf nu zelf alles bepalen. Vanaf de dag dat je kind 18 jaar wordt, vervalt ook de plicht om kinderalimentatie aan de andere ouder te betalen. Ouders zijn echter wel verplicht om hun kind van 18, 19 en 20 jaar oud te voorzien in een bijdrage voor studie en levensonderhoud.

Verlengde onderhoudsplicht

Op het moment dat je kind 21 jaar wordt, houdt de verplichting om financieel voor je kind te zorgen meestal pas op. Voor jongmeerderjarigen van 18, 19 en 20 jaar geldt er dus een ‘verlengde onderhoudsplicht’. Dit geldt voor alle ouders, dus niet alleen in situaties waarin de ouders gescheiden zijn en één van de ouders kinderalimentatie heeft betaald.

Met een verlengde onderhoudsplicht wordt bedoeld dat ouders de kosten van het levensonderhoud en een studie (deels) moeten betalen.

Wanneer er sprake is van kinderalimentatie wordt dit bedrag aan het kind zelf betaald en niet meer aan de andere ouder. De betalende ouder moet zelf afspraken met het meerderjarige kind maken over de hoogte van de alimentatie. Dit kan hetzelfde bedrag zijn als de kinderalimentatie voor een minderjarige, maar de ouder en het kind kunnen hier afwijkende afspraken over maken. De behoefte van het kind is belangrijk voor de hoogte van dit bedrag. Welk bedrag heeft het kind nodig? 

Het berekenen van de behoefte van jongmeerderjarigen

Wanneer een berekening voor de kinderalimentatie voor minderjarige kinderen wordt gemaakt, houdt men rekening met de zogenaamde ‘Tremanormen’. Veel mediators, rechters en advocaten hanteren deze normen wanneer ze de hoogte van de alimentatie berekenen. Er zijn echter geen Tremanormen voor het berekenen van de hoogte van de alimentatie voor jongmeerderjarigen. Men kijkt meestal naar de behoefte van de jongmeerderjarige op basis van de daadwerkelijke kosten die de jongmeerderjarige maakt of naar de behoefte op basis van de studiefinanciering (de WSF-norm). Hierbij maakt het wel uit welke opleiding de jongmeerderjarige volgt (MBO/HBO/WO) en of hij/zij thuis of ergens anders woont.

Op het moment dat je kind zorgtoeslag ontvangt, wordt dit in mindering gebracht op de behoefte. De eventuele inkomsten uit bijbaantjes neemt men hier meestal niet (volledig) in mee. 

Draagkracht ouders

De draagkracht van de (stief)ouders is belangrijk wanneer er gekeken wordt naar de verdeling van het bedrag aan onderhoudsplicht. Niet elke ouder kan evenveel missen. Op het moment dat er sprake is van gescheiden ouders, wordt vaak afgesproken dat de meestverdienende ouder meer betaalt dan de minst verdienende ouder. 

Wat niet iedereen weet is dat stiefouders ook onderhoudsplichtig zijn voor hun stiefkinderen. Als je getrouwd bent of een geregistreerd partnerschap hebt met één van de ouders van het kind ben je wettelijk gezien een stiefouder.

Inkomen van de jongmeerderjarige

Wanneer de jongmeerderjarige in zijn/haar eigen levensonderhoud kan voorzien door bijvoorbeeld het hebben van werk, dan kan de hoogte van het bedrag aan onderhoudsplicht van invloed zijn op de hoogte van de te betalen alimentatie. Op het moment dat je kind maandelijks minimaal het minimumjeugdloon verdient of een volledige arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt, wordt het kind als financieel zelfstandig gezien. In dit geval hoeft er geen alimentatie betaald te worden. Het minimumjeugdloon per maand in 2021 is €850,50 (18-jarige), €1020,60 (19-jarige) en €1360,80 (20-jarige).

Matigingsrecht

In het geval dat de jongmeerderjarige zich ernstig misdraagt of een potje maakt van de studie kunnen ouders naar de rechter stappen om de hoogte van het overeengekomen bedrag te veranderen. Ouders moeten dan wel aantoonbaar maken dat het niet reëel is om de bijdrage voort te blijven zetten. Een rechter gaat hier echter zelden mee akkoord.

21 Jaar en ouder

Vanaf de 21ste  verjaardag van het kind wordt verwacht dat het meerderjarige kind zelf kan voorzien in zijn/haar levensonderhoud. Ouders zijn niet meer verplicht om mee te betalen voor het levensonderhoud van hun kind als hij/zij 21 jaar is geworden. Echter, in de praktijk blijkt dat veel jongmeerderjarigen van 21 jaar en iets ouder nog druk aan het studeren zijn. Wanneer het kind kan aantonen dat er na zijn/haar 21ste nog steeds behoefte is aan een bedrag voor studie en levensonderhoud, dan kunnen ouders in een aantal gevallen door een rechter toch nog verplicht worden om bij te dragen. Natuurlijk heeft het de voorkeur dat ouders en kind er samen uit komen.

Zijn er minderjarige kinderen bij uw scheiding betrokken? Bekijk dan hier onze dienst Scheiden & Kinderen.

Terug naar boven