Voorgeleiding en bewaring

Terug naar overzicht

Voorgeleiding en bewaring

Tegen de inverzekeringstelling kunt u geen bezwaar of beroep aantekenen. Wel moet u binnen een termijn van 3 dagen en 15 uur worden voorgeleid aan de rechter-commissaris. Dit is dus het eerste moment vanaf uw aanhouding dat er een rechterlijke toetsing plaatsvindt.

Tot aan dat moment is het de politie en de officier van justitie geweest die bepaald hebben dat u vast moet blijven zitten.

Deze termijn van 3 dagen en 15 uur wordt gerekend vanaf het moment dat u bent aangehouden. De nachtelijke uren tellen hierbij gewoon mee. Tijdens de voorgeleiding zal de rechter-commissaris de rechtmatigheid van uw arrestatie en uw inverzekeringstelling toetsen.

Dat wil kort samengevat zeggen dat de rechter-commissaris controleert of er aan alle regels voldaan is en of er voldoende reden is om u nog langer vast te houden.

Tijdens deze voorgeleiding kunt u zich eventueel ook beklagen over buitensporig toegepast geweld tegen u. Hiervan kan sprake zijn als er speurhonden zijn ingezet die u tot bloedens toe hebben gebeten, of in het geval dat de politie bij de aanhouding zeer gewelddadig heeft opgetreden waardoor u letsel heeft opgelopen.

De rechter-commissaris toetst de inverzekeringstelling

De rechter-commissaris controleert als het ware de handelingen en gedragingen van de politie en de officier van justitie. De rechter-commissaris toetst daarbij de volgende punten:

  • Zijn er inderdaad feiten en omstandigheden waaruit is gebleken dat er tegen u een redelijk vermoeden van schuld aan een strafbaar feit bestaat?
  • Is het voor het feit waarvan u wordt verdacht wel voorlopige hechtenis mogelijk?
  • Is de inverzekeringstelling wel in het belang van het onderzoek is geweest?
  • Zijn alle (vorm)voorschriften nagekomen? Is de advocaat bijvoorbeeld op tijd ingeschakeld?
  • Is de inverzekeringstelling niet op andere gronden onrechtmatig? Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als er sprake is van schending van de beginselen van goede procesorde. Denk bijvoorbeeld aan de situatie dat de verdachte de Nederlandse taal niet machtig is, maar desondanks zonder tolk verhoord is.

Uw advocaat krijgt voorafgaand aan de voorgeleiding een kopie van het voorgeleidingsverbaal. Dit is het zaaksdossier zoals dat op dat moment voorhanden is. Uw advocaat kan dus op basis van de stukken nagaan of er voldaan is aan bovenstaande punten. Uw advocaat zal als daar aanleiding toe is, kort voor de voorgeleiding de inhoud van het dossier met u bespreken.

Hij kan u hiertoe bezoeken in de cellengang. Hier moet dan wel plaats voor zijn. Soms zijn er onvoldoende medewerkers in de cellengang en is hier geen ruimte voor. In dat geval kan uw advocaat vragen of het mogelijk is om u nog even te spreken.

Vaak stelt de rechter-commissaris de advocaat hiertoe in de gelegenheid. De rechter-commissaris en de griffier verlaten dan even de verhoorruimte zodat een bespreking mogelijk is. De parketpolitie blijft wel aanwezig.

Als u van mening bent dat uw aanhouding of inverzekeringstelling onrechtmatig is geweest dan moet u hier ook bij de rechter-commissaris over klagen. In een later stadium bent u te laat.