Voorlopige voorziening: de spoedprocedure voor ambtenaren

Terug naar overzicht

Voorlopige voorziening: de spoedprocedure voor ambtenaren

Aangezien bezwaar,  beroep en  hoger beroep veel tijd in beslag kunnen nemen, kan het verstandig zijn om te onderzoeken of er in uw situatie een mogelijkheid is om een spoedprocedure te starten, een zogenaamde voorlopige voorziening. Via een verzoekschrift kunt u de rechtbank vragen een voorlopige voorziening te treffen (een voorlopig oordeel te vellen).

In een voorlopige voorzing wordt in de eerste plaats verzocht om schorsing van het door de werkgever genomen besluit, bijvoorbeeld schorsing van het ontslagbesluit. Daarnaast kan een concrete voorziening worden gevraagd, bijvoorbeeld doorbetaling van het loon. Ook kan worden verzocht om een proceskostenveroordeling.

Een verzoek om een dergelijke voorlopige voorziening kan zowel tijdens de bezwaarprocedure als tijdens een beroepsprocedure worden gedaan. Het verzoek is gericht aan de president van de rechtbank, sector bestuursrecht. Als u inmiddels in een hoger beroep procedure verwikkeld bent bij de Centrale Raad van Beroep, dan moet u het verzoek voor de voorlopige voorziening richten aan de president van deze instantie.

Stel dat u te maken krijgt met een strafontslag. Dan kan het van groot belang zijn om een verzoek voor een voorlopige voorziening in te dienen. Als een ambtenaar strafontslag heeft gekregen stopt namelijk de loonbetaling. Bovendien ontvangt u als ambtenaar dan geen uitkering, omdat u het ontslag aan uzelf te wijten heeft.

In een dergelijke situatie kan een voorlopige voorziening gevraagd worden. De rechter wordt dan verzocht om het ontslagbesluit te schorsen en te bepalen dat het loon moet worden doorbetaald. Voor een voorlopige voorziening is wel een spoedeisend belang vereist, bijvoorbeeld een financieel belang. Als er geen spoedeisend belang is wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Het is niet mogelijk om tegen de uitspraak in de voorlopige voorziening in hoger beroep te gaan.

De rechter heeft echter ook de mogelijkheid om meteen een einduitspraak te doen in de beroeps- of hoger beroepsprocedure. Dit wordt ook wel ‘kortsluiten' genoemd. Daarmee wordt de lopende procedure (bezwaar, beroep of hoger beroep) in een keer beëindigd. De voorzieningenrechter moet dan wel gevraagd worden om meteen in de beroepsprocedure een uitspraak te doen.