Wmo en huishoudelijke verzorging

Terug naar overzicht

Wmo en huishoudelijke verzorging

Bij huishoudelijke verzorging kan gedacht worden aan opruimen, schoonmaken, het verzorgen van planten en huisdieren, bedden opmaken en het klaarmaken van de maaltijd. Als u niet alleen woont gaat de gemeente er van uit dat de huisgenoten zogenaamde gebruikelijke zorg verlenen.

Gebruikelijke zorg

Over het algemeen wordt onder gebruikelijke zorg verstaan de zorg die kan worden verleend door de persoon of de personen met wie u samenleeft. Dit principe is gebaseerd op de achterliggende gedachte dat u samen verantwoordelijk bent voor het huishoudelijke werk.

Dat betekent dat als u gewend was het huishoudelijk werk te doen en hiertoe niet meer in staat bent, anderen met wie u samenleeft verondersteld worden dit over te nemen. Dat geldt voor alle huisgenoten ouder dan 18 jaar.

Van minderjarige kinderen wordt uiteraard wel een bijdrage in het huishouden verwacht. Welke bijdrage de kinderen kunnen leveren is mede afhankelijk van hun leeftijd. Hierbij wordt geen rekening gehouden of men het al dan niet wil of al dan niet gewend is te doen.

In situaties dat personen uit de leefeenheid nog nooit huishoudelijk werk hebben gedaan of dat niet kunnen, kan via een tijdelijke indicatie hulp geboden worden bij het aanleren hiervan. De taak wordt dan niet overgenomen maar via instructies gestuurd. Ook studie of werkzaamheden vormen in principe geen reden om van de gebruikelijke zorg af te zien. Dat geldt ook voor tweeverdieners.

Ook ouderen die in staat zijn tot het verrichten van huishoudelijk werk vallen onder de gebruikelijke zorg. Een (zeer) hoge leeftijd kan in omstandigheden overigens wel aanleiding zijn niet te vragen het huishoudelijk werk aan te leren. Bij werkenden wordt geen rekening gehouden met zeer drukke werkzaamheden en (zeer) lange werkweken.

Ook zijn er in het kader van huishoudelijke zorg algemeen gebruikelijke voorzieningen waarvan u zoveel mogelijk gebruik moet maken als deze voorzieningen een oplossing voor uw probleem kunnen bieden. Denkt u hierbij aan:

  • kinderopvang (crèche en overblijfmogelijkheden op school)
  • voor- en naschoolse opvang
  • oppascentrale
  • maaltijddienst
  • boodschappendienst
  • hondenuitlaatdienst

Een voorbeeld.

Clemens heeft een ernstige ziekte en kan niet voor zijn huishouden zorgen. Hij kan ook geen boodschappen doen of zijn maaltijd bereiden. Voor huishoudelijke verzorging kan hij een voorziening krijgen. Voor zijn boodschappen en maaltijden kan hij gebruik maken van de maaltijd- en boodschappendienst. Voor zover dat leidt tot meerkosten kan hij hiervoor een voorziening krijgen in de vorm van een PGB of financiële tegemoetkoming.

Als komt vast te staan dat er geen sprake is van gebruikelijke zorg, dan moet de gemeente de omvang van de hulp bij het huishouden te worden vastgesteld. Daarvoor wordt een indicatiebureau ingeschakeld deze stelt vast welke hulp noodzakelijk is en hoeveel uren hulp per week nodig is.

De gemeente kan de zorg verstrekken door het beschikbaar stellen van een hulp in het huishouden of in de vorm van een persoonsgebonden budget (PGB). Met een persoonsgebonden budget kunt u de huishoudelijke hulp (professionele hulp of mantelzorg) zelf betalen.