Wie heeft er recht op een Anw-uitkering?

Terug naar overzicht

Wie heeft er recht op een Anw-uitkering?

Nederland kent een algemene regeling voor nabestaanden. Iedereen die in Nederland woont of werkt is er voor verzekerd. Komt uw partner te overlijden dan heeft u, onder bepaalde voorwaarden, recht op een Anw-uitkering.

Anw is een uitkering op minimumniveau

De Anw is een regeling waarbij uitkeringen worden uitbetaald op het minimumniveau. De bescherming die de Anw biedt, is niet ruimhartig. De Anw zorgt alleen voor een basisuitkerin.

Als u voor een Anw-uitkering in aanmerking komt, wordt er met uw eigen inkomsten rekening gehouden. Tot nu toe gelden er in de Anw geen sollicitatie- of re-integratieplicht. Dit kan in de nabije toekomst mogelijk veranderen.

Voor de Anw maakt het niet uit welk geslacht u heeft. Zowel mannen als vrouwen hebben recht op een Anw-uitkering (als ze verder aan alle voorwaarden voldoen). Ook maakt het niet uit of u gehuwd bent of samenwonend.

De Anw kent drie soorten uitkeringen:

1. de nabestaandenuitkering
2. de halfwezenuitkering
3. de wezenuitkering

De ANW wordt uitgevoerd door de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De SVB betaalt uw Anw-uitkering elke maand aan u uit. In de maand mei ontvangt u 8% vakantietoeslag.

Voorwaarden om in aanmerking te komen voor een Anw-uitkering

Als uw echtgeno(o)t(e), geregistreerde partner of degene met wie u samenleefde is komen te overlijden, komt u in principe in aanmerking voor een Anw-uitkering. U moet dan wel een gezamenlijke huishouding hebben gevoerd met uw overleden partner. Ouders en kinderen worden voor de Anw niet als samenwoners aangemerkt.

U heeft recht op een Anw-uitkering als u voldoet aan de volgende voorwaarden:

1. Uw partner moet op de dag van zijn of haar overlijden verzekerd zijn geweest voor de Anw, en

2. U voldoet tenminste aan één van de volgende drie voorwaarden:

a. U bent geboren vóór 1 januari 1950, of
b. U heeft een kind thuis dat jonger is dan 18 jaar, of
c. U bent voor ten minste 45% arbeidsongeschikt

3. U bent jonger dan 65 jaar.

Een voorbeeld.

Jochem woont samen met Wim. Wim overlijdt. Jochem is geboren in 1959 en heeft een goede baan. Zij hebben geen kinderen. Jochem komt dus niet in aanmerking voor een uitkering op grond van de Anw.

Een ander voorbeeld.

Rogier woont samen met Charlotte. Rogier heeft een WAO-uitkering van 45-55%. Charlotte overlijdt. Rogier heeft recht op een nabestaandenuitkering. Omdat Rogier niet tegen het alleen zijn kan, gaat hij meer werken. Hierdoor wordt zijn WAO-uitkering door het UWV met een klasse verlaagd. Het arbeidsongeschiktheidspercentage van Rogier wordt dan dus 35-45%. Rogier is nu minder dan 45% arbeidsongeschikt en verliest hierdoor dus zijn nabestaandenuitkering.

Nog een ander voorbeeld.

Karin en Frans hebben twee kinderen. Frans overlijdt als Kevin 14 is en Wes 16 jaar oud zijn. Karin werkte niet. Zij krijgt een nabestaandenuitkering en een halfwezenuitkering na het overlijden van Frans. Frans had geen bedrijfspensioen. Als Kevin 18 jaar wordt, worden de Anw-uitkeringen van Karin beëindigd door de SVB. Omdat Karin geen ander inkomen heeft moet zij een bijstandsuitkering aanvragen bij de gemeente.

Gescheiden toch recht op een Anw-uitkering?

Ook voor gescheiden mensen kan er recht bestaan op een nabestaandenuitkering Anw. Dat kan als u alimentatie ontving (of moest ontvangen) van uw ex-echtgenoot/partner onmiddellijk voor het overlijden. De verplichting tot betaling van alimentatie moet vaststaan op grond van een uitspraak van de rechter of een notariële akte of een door een advocaat meegetekende akte. Met andere woorden: als de alimentatie vrijwillig werd betaald is er geen recht op een Anw-uitkering.