Verplichtingen in de WW
Uitkeringen & sociale zekerheid
Verplichtingen in de WW
Als u eenmaal een WW-uitkering ontvangt moet u zich aan een aantal regels houden. Als u zich niet aan deze verplichte regels houdt, zal het UWV uw uitkering stopzetten. De belangrijkste regels op een rijtje:
- U moet zich bij het UWV Werkbedrijf als werkzoekende inschrijven en deze inschrijving tijdig verlengen.
- U moet op tijd een WW-uitkering aanvragen
- U mag de zogenaamde controlevoorschriften niet overtreden
- U moet het wijzigingsformulier/inkomstenformulier insturen als er veranderingen zijn in uw persoonlijke situatie
- U moet actief solliciteren (sollicitatieplicht) en passend werk aanvaarden
- U moet meewerken aan opleiding en (om)scholing
- U moet meewerken aan het opstellen van een re-integratievisie of re-integratieplan
U moet zich bij het UWV Werkbedrijf als werkzoekende inschrijven
U kunt zich al drie maanden voorafgaand aan het ontslag bij het UWV Werkbedrijf als werkzoekende inschrijven. In elk geval moet u uiterlijk op de 2e dag van uw werkloosheid staan ingeschreven. U kunt zich tegenwoordig via het internet inschrijven als werkzoekende. Daarvoor heeft u dan wel een speciale inlogcode nodig, de zogenaamde DigiD.
Als u zich niet tijdig inschrijft bij het UWV Werkbedrijf of nalaat uw inschrijving tijdig te verlengen, dan wordt uw uitkering door het UWV gekort.
U moet op tijd een WW-uitkering aanvragen
U moet de WW-uitkering uiterlijk binnen een week na de eerste werkloosheidsdag aanvragen. Doet u de aanvraag te laat, dan zal het UWV uw uitkering korten. Wacht u er veel te lang mee, dan kan het UWV u zelfs een WW-uitkering weigeren over de periode dat u de uitkering te laat hebt aangevraagd. U kunt ook een WW-uitkering tegenwoordig via het internet aanvragen.
U moet zonodig een wijzigingsformulier / inkomstenformulier invullen
Tot 1 januari 2009 maakte het UWV gebruik van het zogenaamde werkbriefje. Dit briefje moest elke vier weken worden ingevuld. Hiervoor in de plaats zijn twee formulieren gekomen:
- het wijzigingsformulier
Hierop moet u de door u gewerkte uren alleen doorgeven als er iets verandert. Denk bijvoorbeeld aan de situatie dat u meer of minder uren gaat werken of als uw werk helemaal is gestopt. Dit geeft u door met het wijzigingsformulier WW. Verhuist u, heeft u een nieuwe baan of verandert er iets anders in uw persoonlijke situatie? Ook hiervoor gebruikt u het wijzigingsformulier. - het inkomstenformulier
Werkt u wekelijks wisselende uren? Krijgt u toeslag en heeft uw partner wisselende inkomsten? Dan geeft u dit door met het inkomstenformulier WW. Deze inkomsten worden dan met uw uitkering verrekend.
Sollicitatieplicht in de WW
De sollicitatieplicht is een van de belangrijkste plichten uit de Werkloosheidswet (WW). Dat is ook logisch, de bedoeling is dat u zo kort mogelijk werkloos bent en zo snel mogelijk weer aan de slag gaat. De overheid wil uiteraard dat u zo kort mogelijk een beroep op de WW moet doen. U moet dus solliciteren, werk aanvaarden als het u wordt aangeboden en u moet ook beschikbaar zijn voor werk. Met dat laatste wordt bedoeld dat het bijvoorbeeld niet de bedoeling is dat u zo druk bent andere activiteiten, bijvoorbeeld vrijwilligerswerk, dat u voor solliciteren geen tijd hebt.
De sollicitatieplicht ontstaat zodra u weet dat u ontslagen gaat worden.
Een voorbeeld.
Arie krijgt in oktober te horen dat hij per 1 februari ontslagen zal worden. Hij weet niet zeker of hij per 1 februari al een andere baan heeft. Arie zal dus al direct moeten beginnen met solliciteren. Bewijzen daarvan moet hij bewaren, zodat hij later kan aantonen dat hij gesolliciteerd heeft.
Hoe vaak solliciteren?
U vraagt de WW-uitkering aan bij het UWV Werkbedrijf. De medewerker van het UWV Werkbedrijf zal met u afspraken maken over uw sollicitatieplicht en aangeven hoe vaak u moet solliciteren. Ook maakt hij afspraken hoe u werk gaat zoeken. Dat is voor iedereen anders.
Bewaren van sollicitatiebewijzen
Het is belangrijk dat u alle documenten waaruit blijkt dat u gesolliciteerd hebt, bewaart. Het UWV kan hiernaar vragen. Deze bewijsstukken moet u twee jaar bewaren, ook als u al weer aan het werk bent.
Sollicitatieplicht bij langdurige werkloosheid
Als u langer dan een half jaar werkloos bent, moet u zich flexibeler opstellen. Dat betekent dat u genoegen moet nemen met functies onder uw niveau, waarin u minder verdient en een langere reistijd hebt. Ook kan het UWV van u verlangen dat u tijdelijk werk accepteert.
Een voorbeeld.
Wim is na 15 jaar werk ontslagen. Hij had een functie op MBO niveau en is al een negen maanden op zoek naar werk. Dat heeft hij nog steeds niet gevonden. De kerst nadert en een bedrijf is op zoek naar werknemers die een maand lang kerstpakketten gaan inpakken. Als Wim deze baan wordt aangeboden moet hij deze accepteren. Doet hij dat niet dan, zal hij op zijn uitkering worden gekort.
Sollicitatieplicht na één jaar werkloosheid
Als u langer dan één jaar werkloos bent, moet u zelfs alle arbeid aanvaarden ongeacht het niveau. Dus ook van hoogopgeleide werklozen wordt verwacht dat zij desnoods laaggeschoolde arbeid accepteren. Om te voorkomen dat dit grote negatieve gevolgen kan hebben voor het inkomen van de langdurige werklozen, wordt deze arbeidsinkomsten verrekend met de WW. Het accepteren van laaggeschoolde en laagbetaalde arbeid betekent dus niet dat uw inkomen daardoor ook daalt.
Vrijstelling sollicitatieplicht
Een lange tijd waren werknemers van 57 ½ jaar of ouder vrijgesteld van de sollicitatieplicht. Dit is vandaag de dag niet meer het geval. Er geldt alleen nog een vrijstelling van de sollicitatieplicht in de volgende gevallen:
- als u op de eerste werkloosheidsdag 64 jaar bent
- als u een toegestane scholing volgt, tot twee maanden voor het einde van de scholing
- als u toestemming hebt om op vakantie te gaan, tijdens de vakantie
Verder kunt u ontheffing van de sollicitatieplicht vragen als:
- u iets ernstigs overkomt, bijvoorbeeld het overlijden van een familielid of als uw huis afbrand
- u mantelzorg of vrijwilligerswerk verricht
De ontheffing is altijd tijdelijk en moet vooraf worden aangevraagd. Ontheffing voor vrijwiligerswerk wordt alleen gegeven als dat past in uw re-integratietraject.
U moet meewerken aan een opleiding, (om)scholingen, aan het opstellen van een re-integratievisie of re-integratieplan
Het kan zijn dat u niet zonder hulp aan het werk komt. Het UWV kan u daarbij helpen. Men kan u helpen met solliciteren of een proefplaatsing realiseren waarbij u drie maanden met behoud van uitkering bij een werkgever aan de slag gaat. Ook kan men u een competentietest afnemen om te zien waar u goed in bent. Daarnaast behoort scholing en omscholing tot de mogelijkheden.
Is de kans klein dat u werk vindt? Dan kan het uw adviseur (uw contactpersoon bij het UWV) een re-integratietraject voorstellen. U wordt dan begeleid door een re-integratiebedrijf. Wilt u liever uw re-integratie zelf regelen? Dan is de individuele re-integratieovereenkomst (IRO) misschien iets voor u. Daarmee kunt u zelf uw re-integratietraject bepalen.
Meewerken betekent dus ook dat als u niet meewerkt u gekort kunt worden op uw uitkering. U moet bijvoorbeeld gemaakte afspraken nakomen. Bent u het niet eens met verplichtingen die u worden opgelegd, dan kunt u hiertegen bezwaar maken.
Een voorbeeld.
Marleen is na een dienstverband van 12 jaar ontslagen. Het is moeilijk voor haar om aan het werk te komen. Er wordt een re-integratieplan opgesteld dat zou moeten leiden tot werk. Marleen is teleurgesteld over de ondersteuning. Er zijn wel veel gesprekken gevoerd, maar die hebben tot niets geleid. Zij wordt door het UWV opgeroepen om haar re-integratie te evalueren. Marleen verschijnt niet, er valt volgens haar niets te evalueren. Het UWV legt dan een maatregel op waarbij haar uitkering gedurende 16 weken met 20% wordt gekort.
